is toegevoegd aan uw favorieten.

Letterkundig magazijn van wetenschap, kunst en smaak, 1819 (Mengelstukken), no 13

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

584 REDEVOERING EN AANSPRAKEN ,

wij haar bezitten, haar vervullen, dan hebben wij waarlijk eer en roem en waarde, al wierden wij door niemand opgemerkt, door niemand geprezen: al hadden wij geenen naam door onze verdienden; — clan zijn wij groot en beminnelijk in het oog des hemels. —

Liefde, — zij is edel en feboon boven al wat feboon en edel )S; want.zij is de boofdfom onzer pligtens zij leidt tot alle deugden op. Uit haar vloeijen alle deugden voort; al wat God kan eifchen, wat menf hen Kunnen vorderen, wat ons geweten gebiedt alles is vervat in dezen regel: hebt elkander lief ak u zeiven. A wat ons als menfchen voegt; als leden der maatichappij betaamt; als Christenen verhoogt, wordt vervuld, ais wij naar de ftetn der liefde hooren. Ta liefde zij is waarlijk de vervuiling der wet Kunt gij deugden bedenken,,die zonder haar beftaan? deugden noemen «an welke zij geen geest, geen leven geven moet? — Xlj is het, die onze ziel verhoogt, die opwekt tot allen Pligt, ook tot het groote,' het moeijelijke: zij fooort aan tot het goede en edele, ook dan, wanneer menichen dat goede niet willen erkennen, dat edele niet willen beloonen. Voor haar is niets te veel, is niets te zwaar, geen arbeid te groot, geene onthouding te verdrietig. Zij is de eenigfte deugd, die geheel belan-e. loos werkt, zij aast niet op roem en eer, zij zoekt de gunst der menfchen niet; - anderen wél te doen, dat is baar doel: - den Vader in den hemel te ver. heerlijken dat 1S haar beginfel. - Zij maakt ons gelijk aan God; want God is liefde. Zij is met God n hetzelfde we,k bezig; want God toont altijd liefde, opent gedurig zijne hand, verblijdt en zégent al wal . js en leeft. Zij doet ons het beeld vertoonen van onzen Meester. Zrj is het kenmerk van het Christendom.

hxfJtW ~a zl) is de nieeste van aUe- '«enfeheliike en Chnstthjke deugden; want zij vergaat nimmer Welke deugden ons verlaten, als het graf zich opent voor onze voeten; de Liefde niet. Zij blijft, duurt voort; ook in den hemel daar boven; daar zal liefde allen bezielen; trachr —" " al!e vohnaaktheid worden be;

Wij hebben het grootfte belang, om liefde te beoeft' .^e bevorderen; want, (en dit was on*« Sde bijzonderheid,) onberekenbaar groot zijn de voot' éeclcn en zegeningen, die hare betrachting zeeft.

00 J \ViC