is toegevoegd aan je favorieten.

Letterkundig magazijn van wetenschap, kunst en smaak, 1820 (Mengelstukken), no 11

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

£20

DE GEVAREN DER MISLEIDING?'

Op het landgoed ontwierp selchow een nieuw lavensplan, hetwelk, hij met ftandvastigheid opvolgde, Eenige uren van den dag wijdde hij aan de wetenfchappen, eenige aan het beduur zijner zaken, en aan de weivaart zijner onderhoorigen , de overige bragt hij met Wandelen in het gezelfchap zijner echtgenoote "en in gefprek met haar door. Julia hield zich bezig met de opvoeding, met het huishouden, met vrouwelijke bezigheden, muziik, en met het lezen van verdaud en hart Vormende gefchriften. Zij vergat daardoor geheel en al de ftad. Beide bleven fteeds nieuw voor elkander.

Verbaasd over de dille tevredenheid , die julia voormaals naauwelijks vermoed had, dacht zij dikwijlss „ Neen! die kan niet van duur zijn! Selchow en ik „ zijn toch al te gelijkend aan elkander."

Zij had hare wijsgèerige grillen nog niet geheel en al vergeten.

Op zekeren avond voeren beide in een ligt bootje op een fpiegelhelder meer, hetwelk bet kleine park Van haar landgoed begrensde, en zij fpraken van hunne wederzijdfche toegenegenheid voor hunnen echt.

„ Hoezeer is uw karakter en uw fmaak veranderd!" riep julia uit: „ Gij zijt in het geheel niet meer die

ligtzinmge, fpitsvindige selchow, die gij eertijds

waart."

• „ Zoo kwam ik u flechts voor, lieve vrouw!" hervattede selchow. „ Ik wilde in de groote wereld ?, eene rol fpelen, en ik nam dus den toon en de ge-

woonten der gezelfchappen van fmaak aan, om mijne » fortuin tt maken. Gij boeidet mij boven alle ande„ ren, en, daar ik u bij pracht en luidruchtige verma„ ken levendig vond, zoo meende ik u het meest te

zuilen behagen, indien ik ook door geestigheid en ver„ milt zocht te fchitteren; op mijne eenzame kamer „ echter legde ik gaarne dit lasriae masker af, gelijk tt de tooneelfpeler zijn tooneelgewaad achter de' fcher„ men, en volgde ik mijne natuurlijke, neiging."

,, O God!" zeide julia, ,,, deze geveinsdheid had „ mij ligt zeer ongelukkig kunnen maken. Met een „ veel vrijer hart had'ik u mijne hand gegeven , indien „ ik u geheel gekend had."

Ik wil mij niet regtvaardigen," gaf selchow ten antwoord; „ het zal flechts eene opregte bekentenis

» mij-