is toegevoegd aan uw favorieten.

Marineblad jrg 9, 1894/1895 [volgno 10]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

798

marinebegrootinö voor het dienstjaar 1895,

der zoogenaamde waterpijpketels, die, buiten de twee cylindervormige ketels, voor de kruisers bestemd zijn.

Artikelen.

lilde Afdeeling.

Personeel der zeemacht.

I. Onderscheiden leden betuigden hunne ingenomenheid met de nieuwe organisatie der opleiding van jongens en kwartiermeesters. Met waardeering hadden zij kennis genomen van het over dit onderwerp uitgebrachte rapport van den schout-bij-nacht C. ten Bosch, wiens voorstellen dan ook terecht door den Minister in hoofdzaak gevolgd waren.

II. Met genoegen was door een aantal leden gezien, dat deze Minister evenals zijn voorganger krachtig de hand hield aan de oefeningen van het personeel en blijk gaf van die buitengaats te willen bevorderen, zooveel althans de nog beschikbaar zijnde schepen hem daartoe in staat stellen.

III. Dat de proef tot het vormen eener marinereserve aanvankelijk gunstige resultaten gaf, werd door velen met voldoening opgemerkt. Deze leden vertrouwden, dat de Minister zoude blijven ijveren om daarin dien krachtigen steun te vinden voor de vloot, dien men met grond van de reserve meende te mogen verwachten.

IV. In eene afdeeling werd de wensch uitgesproken om in „het algemeen overzicht van de schepen en vaartuigen van oorlog", voorkomende in het Marine-naamboekje op kolom n°. 16, „Kolenberging", eene andere kolom te doen volgen, met opgaven van den weg dien de schepen kunnen afstoomen: 1°. bij vol vermogen; 2°. bij die vaart, welke het meest geschikt is tot afleggen van een groot traject.

Een dergelijk verzoek werd tot den Minister van Koloniën gericht, betreffende de opgaven der schepen voorkomende in de bijlagen van het Koloniaal Verslag.

Men zoude het waardeeren, indien de overigens zóó gedetailleerde opgaven in het Marine-naamboekje ook met deze hier bedoelde belangrijke gegevens werden verrijkt. Bij de blanco ruimte, welke op de bladzijde daarvan beschikbaar blijft, kan er, naar men meende, geen bezwaar zijn om het aantal kolommen nog met één enkele te vermeerderen.

IVde afdeeling. Loodswezen, enz.

I. Vele leden verklaarden zich voor eene proefneming ^ met stoomloodsvaartuigen in overeenstemming met de wenschen, uitgedrukt in de adressen der Kamers van koophandel van Amsterdam