is toegevoegd aan uw favorieten.

Marineblad jrg 10, 1895/1896 [volgno 7]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET BEZOEK VAN H. M. » ATJEH" EN » ALKMAAR" TE KIEL.

267

dingsschepen nabij den ingang van den baai is gelegen, waar ook weldra de «Atjeh'' hare plaats zal vinden. Al deze 4 schepen paradeeren joelen, en spelen het Nederl. volkslied bij onze binnenkomst, welke beleefdheid op overeenkomstige wijze wordt beantwoord.

Naar den boei stoomende, waarop een Ned. vlag was geplaatst, werd het schip daarop vastgemaakt en begon de reeks van saluutschoten eerst voor Prins Heinrich, daarna voor de vorsten en vlagofficieren der verschillende vertegenwoordigde natiën, zoodat alleen dien morgen + 180 schoten werden afgevuurd.

Natuurlijk gaf dit alles buitengewone drukte, die nog vermeerderd werd door allerlei bezoeken, waaronder een der eerste van den commandant der «Gneisenau", die mededeeling deed, dat ingevolge bevel van den Keizer aan elk der Duitsche schepen de opdracht was gegeven om een of meer vreemde schepen tot hulp te dienen en tevens om de opvarenden den tijd te veraangenamen. — De «Atjeh" en „Etruria" van de Italianen kwamen onder de bescherming van de «Gneisenau", terwijl de «Alkmaar" onder die van de z/Moltke" zou komen.

Reeds ving deze commandant aan met aan de officieren van de «Atjeh" verschillende uitnoodigingen te doen en bleek het reeds den eersten dag, dat niet alleen voor een week, maar wel voor 14 dagen, dagelijks de noodige feesten waren op touw gezet.

Voor de officiëele feestelijkheden was aan den commandant en officieren van de Hollandsche schepen een luitenant ter zee toegevoegd, die ook, toen het schip nauwelijks vast lag, met een grooten voorraad reglementen, bepalingen en uitnoodigingen, alles op de officiëele feesten betrekking hebbende, aan boord kwam.

De ligplaats van H. M. «Atjeh" was nabij Friedrichsort, een plaatsje, dat niet veel anders was dan één groote kazerne en dat op ongeveer een uur varens per stoomboot van Kiel was gelegen. Was men aanvankelijk al vrij tevreden met die ligplaats, daar zij dicht bij Friedrichsort zijnde, gemakkelijk de gelegenheid schonk naar Kiel te gaan, welhaast bleek dat deze communicatie reeds veel tijd vorderde en dat men waarlijk niet over deze plaats kon roemen. Doch de «Atjeh" had zich bij do oude juffrouwen moeten vervoegen, tot de rubriek Schulschiffe werd zij verklaard te behooren en alzoo met «Gneisenau" en andere een weinig van de eerste rijen verwijderd gehouden.

Een voordeel van deze ligplaats was echter, dat men alle andere schepen kon zien voorbijgaan, en zoo geschiedde het, dat men zich kon verlustigen in den aanblik van het binnenstoomende Engelsche eskader uit 6 zware schepen bestaande, prompt in hun vlootorde en fraai van uiterlijk.

Daarop de Italiaansche schepen, monsters van kracht, wier groote vuurmonden en dikke schoorsteenen kenmerkend waren.

Rusland met 3 schepen en Frankrijk met 3 schepen, waaronder de walvischachtige «Dupuy de Löme", kwamen gelijktijdig binnenstoomen, als het ware om bij het afleggen van dit vriendschappelijk bezoek een bewijs te geven dat nog intiemer vriendschap bestaat. Allengs waren alle schepen gearriveerd, behoudens die welke den