is toegevoegd aan uw favorieten.

De weegschaal, 1828, no 1

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 3» )

gationibus in jure faciendis, mondelingen verklaringen van getuigen.

Het pijnigen der slaven daarentegen en de eigenlijke eed, die volstrekt als eene zedelijke pijniging beschouwd wordt, kunnen alleen door de proklesis te weeg gebragt worden; beide komen ook voor, bij het exhiberen van schrifturen en verdere documenten; de eene partij biedt den eed aan, of vordert dien van zijne wederpartij, maar zonder bewilliging der andere kan het daartoe niet komen, en dus bestaat er ook geene aanklagte wegens va/uten, of meineed, maar wel wegens valsche getuigenis, hetwelk geheel iets anders is. In geen geval echter geldt de wetgeving, zoo als plattner en heffter met regt tegen hudtwalker beweren, als eene erkentenis of toestemming, en kon alleen maar in de pleidooijen als een kunstmatig bewijs ; ivTe%uos s/irn?) dikwijls met eenen zeer treffende uitslag, gebezigd worden. Hij, die zijne wederpartij tot den eed opeischt of toestaat, dat hij zwere, SISmtv êpxov, de andere ópxeu Sexerxi eene spreekwijze, die daardoor volkomen duidelijk wordt, dat ipxog oorspronkelijk datgene is, waarbij men zweert; wie echter zweren laat, geeft aan zijne tegenpartij op, waarbij hij zweren moet.

De heer plattner , die overigens op dit punt veel wetenswaardigs zegt, heeft echter het spraakgebruik niet zoo naauwkeurig in acht genomen en overwogen als schömann; de opgegevene uitdrukking kan bij de redenaars de eenige zijn, maar bij de dichters komt zij gewisselijk ook voor, zoo wel bij aeschycus als bij eurjpides. Immers vindt men reeds bij homekus Iiiad. XXIII. v. 441 — 579. eene npór.'k^^ Spxau,