Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

900

UIT DB PEKS.

begrijpen, dat die man, om zichzelf te redden, strengere maatregelen gaat nemen". .

De redenen van dit „vooral", bij de onderofficieren nog met erg duidelijk, treden wat de korporaals betreft echter helder naar voren. ... , ,, .

„De korporaals" - zoo zegt de brochure - „bij de Marine hebben zich georganiseerd voor lotsverbetering, staan met hun organisatie op een vrij zelfstandige basis en werken daar, waar dit mogelijk is, met onzen bond samen".

Dan volgt een en ander over de moeilijke positie van den korporaal en krijgt men de volgende conclusie:

„Welnu, waar dit het geval is, waar de korporaal aan boord een "zeer moeilijke positie inneemt, is het de taak van elk georganiseerde, door de stipte betrachting van den plicht te zorgen, dat deze positie niet nog moeilijker te handhaven wordt.

„Daartegenover zal, ook door middel van hun organisatie, aan ''de korporaals, voor zoover noodig, het besef worden bijgebracht, dat zij in geen geval het mindere personeel zwaarder belasten dan noodig is.

„Vooral met het oog op de nieuwe phase, welke de organisatie bij de marine is ingetreden, komt het ons gewenscht voor, dat de leden van de organisatie hieraan vooral de aandacht schenken".

De brochure - waarin ook tegen sabotage gewaarschuwd wordt - geeft ten slotte een overzicht over hetgeen de bond tot stand gebracht heeft en eindigt met de verzekering, „dat alleen verbetering, zoowel in moreel als materieel opzicht, te verwerven is door een zoo krachtig mogelijke en doelbewuste organisatie .

IV.

Wij stelden ons de vraag: Welken invloed heeft de bond op de Marine als weermacht van den Staat gehad ?

De schepeling voelt zich in de eerste plaats lid der organisatie, niet van de groote staatsorganisatie, de Marine, waarin hu toch gekomen is om haar naar zijne beste krachten te dienen, neen, van de organisatie voor lotsverbetering. Van zijn plichten tegenover die organisatie, die zulk een concreet doel heeft, die geen sociale roeping heeft, is hij geheel doordrongen.

Bovendien, voldoet hij aan die plichten niet, volgt hij de bevelen niet op - neemt hij b.v. de extra verstrekking aan hij wordt geroyeerd, dat wil aan boord vrijwel zeggen : uit de gemeenschap gestooten.

Met de gevechtswaarde der schepen heeft de bond mets te maken, slechts met de bewoonbaarheid.

Wordt het gevoel, toch in de eerste plaats te belmoren tot de Koninklijke Marine, die een deel vormt van den Nederland schen Staat, een groot deel van de weermacht van dien Staat, tot de Marine, die voor hem toch hooger en heiliger moet zijn dan elke andere organisatie, hierdoor aangemoedigd ?

Elk hooger gevoel, elk gevoel van vaderlandsliefde, van

Sluiten