Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1114

HET NIEOWE GENTRALE STATION VOOR DRAADLOOZE

te maken. De grond werd gelijk uitgegraven en de bestaande dikke zandbedding aangevuld. Hierop kwam een 30 cM. dikke laag gewapend beton te liggen, die nu, los van de muren van het gebouw, zou dienen om alles te dragen. Op dezen vrij liggenden betonkoek, die eventueel alleen in zijn geheel kari zakken (buigen en breken is door de bewapening onwaarschijnlijk), werden nu de wanden der verschillende lokalen opgebouwd! Deze wanden zijn van hout en, behalve die tusschen machine kamer en werkplaats, voor geluiddemping dubbel gebouwd. Voor dit doel is de tusschenruimte bij het gedeelte wand, waaide seinkamer aan de werkplaatsen van den Torpedodienst grenst, bovendien nog opgevuld met puimzand en dit gedeelte aan den Torpedodienstkant belegd met kurkplaten. Een ingangsdeur werd in den noordelijken muur gemaakt, de centrale verwarming van het gebouw door onze lokalen geleid en eenige voorzieningen gemaakt ten behoeve van verlichting en ventilatie.

Begin 1912 was alles zoo ver gevorderd, dat de monteurs, tot nu toe in een houten loodsje van het Wachtschip gehuisvest, hun intrek konden nemen in de nieuwe werkplaats, hetgeen voor hen een zeer groote verbetering was, daar het vroegere loodsje zelfs niet aan de primitiefste eischen eener werkplaats voldeed.

De nieuwe (zie PI. 7) geeft zoo noodig ruimte aan een drietal monteurs en bevat voorloopig een draaibank, een houten werkbank, kast, gereedschapsbord en fonteintje. Het groote meubel in den hoek bevat den watermeter en den hoofdafsluiter van het geheele gebouw, een complex dat helaas moeielijk verplaatsbaar was.

Tevens was begonnen aan de opstelling der machines, de verplaatsing der accumulatoren batterij en het leggen der leidingen. Hiervoor was de hulp ingeroepen van den Chef der Opleiding Monteurs, ook al om op deze wijze de in opleiding zijnde monteurs in de gelegenheid te stellen productieven arbeid te verrichten. De onderwijzer in de sterkstroomtechniek aan deze opleiding verrichtte dezen arbeid met zijne leerling-monteurs in den winter 1911/1912 tot aller tevredenheid. Een*beschrijving der werktuigen volge thans.

De accumulatorenbatterij, in een afzonderlijke kamer opgesteld (zie PI. 4) is van de Ace. Act. Ges', te Hagen, die ook de meeste transportabele batterijen voor onze stations D.T. geleverd heeft, zij het dan ook door hare zusterfabriek „Varta". Zij is van het type J 8 dezer M«., heeft een capaciteit van 216 Amp. uren bij 3-urige ontlading en telt 60 cellen in 2 rijen opgesteld, waarvan 20 schakelcellen, zoodat zoowel in volgeladen als in geheel ontladen toestand de bedrijfsspanning van 110 Volt kan worden gehouden. De glazen bakken zijn op porceleinisolatoren opgesteld op houten bakken, met tusschenlegging van dikke glazen platen steunend op houten leggertjes op den gecementeerden vloer.

Op de plaat is een en ander duidelijk te zien. In het gedeelte der ruimte dicht bij de deur is een vaste inrichting gemaakt

Sluiten