Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VAN DEN OORLOG OM TRIPOLI.

1183

postenlinie gevormd door torpedobootvernielers, terwijl de schepen van het 1ste eskader de toegangen van de Egeïsche zee naar de Middellandsche zee bewaakten, teneinde mogelijk doorbreken van vijandelijke schepen te verhinderen. De eerste groep ging 12 October, de tweede 15 October ten anker ter reede van Tripoli. De landing der eerste groep was 15 October, die deitweede 18 October geëindigd. + 20000 man werden aan land gezet. Daartoe had men o. a. partij getrokken van visschersbarken, waardoor het geheel vlot van stapel liep.

Eerst werden de stellingen door het personeel der vloot voorbereid ingenomen, waaronder die aan de 14 bronnen van „Boe Meliana", welke herhaaldelijk tot mikpunt van Turksche uitvallen diende. Al spoedig stieten de troepen in het voorterrein op vijandelijke voorposten. Voornamelijk hadden nachtgevechten plaats bij de voornoemde bronnen.

airetheYon In den nacnt van 12 °P 13 October vertrokken de 20 eerste

transportschepen van het 2de échelon waaronder 7 die van Genua waren gekomen, van Napels. Aan boord bevonden zich + 9000 man der 2de Infanterie-divisie.

Het doel der reis was Bengasi op 610 zeemijlen van Napels verwijderd. Den 18den verscheen de transportvloot beveiligd door de 4 linieschepen der 1ste divisie, 3 beschermde kruisers, vijf torpedobootvernielers en 2 divisies torpedobooten voor Bengasi.

Tengevolge van het slechte weer en den tegenstand der Turksche bezetting kon de landing pas 19 October plaats hebben.

Den 15den en 20sten October vertrokken van Napels nog 2 groepen met het overige der 2de Infanterie-divisie, ongeveer 6000 man.

Roode zee. 1° de Roode zee bestonden de Italiaansche strijdkrachten

uit de „Aretusa", „Volturno" en „Stafetta", de Turksche uit den te Hodeida gestationeerden kleinen torpedobootvernieler („Peik-i-Sjefket") en twee zwakkere kanonneerbooten.

Bij de laatste plaats, gelegen op 220 zeemijlen van Massowa, kwam het tot eene schermutseling. De „Aretusa" beschoot bovendien de versterkingen van de plaats en de in de haven liggende schepen, welke het vuur beantwoordden.

De Italiaansche schepen keerden naar het heette, onbeschadigd naar Massowa terug en begonnen weder te kruisen teneinde de handelsscheepvaart te bewaken.

De bezetting van Erythrea, welke 3700 man telde, was door mobilisatie den lOden October op 10000 man gebracht.

Medio October kwam een kleine kruiser met geschut aan boord, bestemd voor de forten te Massowa, daar aan.

Ultimo September bevonden zich te Port-Said het stationsschip voor Beiroet en een Turksch transportschip, bemand met 750 man troepen, die van Hodeida kwamen. Eenige dagen lateikwam een Russisch stoomschip „Wladimir" met 800 man Turksche troepen uit Hodeida te Suez aan. Toen deze schepen Port-Said verlieten, protesteerden de Italiaansche en Engelsche consuls bij den Gouverneur-Generaal van het Suez-kanaal tegen

Sluiten