Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1184

POLITIEKE EN STR ATEGISCHE BETEEKENIS

deze schending der neutraliteit. De Italiaansche kruiser „Puglia", die 6 October te Port-Said aankwam, bewaakte de schepen.

De „Wladimir" moest op aanwijzing der Egyptische regeering de troepen, (onder welke cholera heerschte, naar het heette) doen ontschepen, waarop zij in quarantaine gingen.

De troepen van het Turksche transportschip werden onder Egyptisch escorte naar Palestina gebracht.

De „Mun i Zafer", het Beiroetsche stationsschip en verder nog een te Port-Said aangetroffen kanonneerboot werden ontwapend.

Bengasi. Den 18den October des morgens na een overtocht bij woelige

zee verschenen 8 transportschepen met den Staf en de helft der 2de infanterie-divisie, geëscorteerd door de „Vittorio", „Emanuele", „Regina Elena", „Roma", „Napoli", „Piemonte", „Liguria", „Etruria", vijf torpedobootvernielers en zeven hoogzeetorpedobooten ter reede van Bengasi.

De eisch tot overgave door Vice-Admiraal Adbry gesteld, werd door den Turkschen bevelhebber Chakir Bey, die over 3Ó0 a 4C0 man regelmatige en 2000 a 3000 onregelmatige troepen, benevens over 2 snelvuurbatterijen beschikte, afgeslagen.

Den 19den October werden de vijandelijkheden geopend.

Vier slagschepen en de „Etruria" beschoten op ongeveer 1000 meter de in het Noorden der stad bij den vuurtoren en het kruitmagazijn zoomede de in het zuiden bij Barka aangelegde verschansingen.

Tegelijk werden het landingskorps van het eskader en vier kanonnen ontscheept. Voor de ontscheping dienden behalve de booten ook vijf pontonvlotten.

De eerste matrozencompagnie landde aan de vlakke en zandige Giuliana-kust. 2 K.M. ten Zuiden der stad, zonder op tegenstand te stuiten.

De bemande booten werden door torpedobooten gesleept, die later met de schepen door artillerievuur de landing en het voortrukken der troepen ondersteunden. Een deel der landingstroepen landde in het Noorden en bezette den ongeveer 10 M. hoogen duinrand met 2 kanonnen. Een aantal pioniers volgden de ontschepende troepen tot het verrichten van technische werkzaamheden.

De Turken richtten ijlings hunne schreden naar het terrein nabij de kazerne van Barka en vormden eene stelling, welke aanleunde tegen de Sibba (rechtervleugel) en het zoutmoeras ten zuiden daarvan (linkervleugel).

Toen de Generaal-Majoor Ameglio om de landingsplaats vrij te maken onder dekking van de duinen met het gros naar het Oosten oprukte, werd hij door snelvuur van uit de schansen tusschen Sibba en het zoutmoeras begroet.

De torpedoboot „Orsa" had intusschen in vereeniging met een gewapende sloep getracht vast te stellen, of de stad door Turksche troepen geheel verlaten was.

Het aanleggen ten zuiden der stad werd evenwel verhinderd

Sluiten