Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1258

korte mededeelingen.

Handel, Scheepvaart, etc.

Particuliere havens.

Toen onlangs melding gemaakt werd van den verkoop van een deel der gronden van Rotterdam-West aan Wilton's Machinefabriek en Scheepswerf, hebben sommigen gemeend, dat thans het vraagstuk van den particulieren havenaanleg onder Pernis was opgelost, en dat wel op een voor alle partijen gelukkige wijze.

Deze opvatting is onjuist. Aan Wilton is slechts verkocht het pl.m. 20 H.A. groote, opgehoogde gedeelte dezer gronden: de overige terreinen - ter oppervlakte van pl.m. 120 H.A. blijven in het bezit der vennootschap. Het was in deze gronden, dat het particuliere bassin ontworpen was — en in dat opzicht is er dus niets veranderd.

Het is bovendien niet alleen onder Pernis, maar evenzeer op tal van andere plaatsen langs den oever van den Waterweg, dat dergelijke plannen technisch uitvoerbaar zijn.

Voor en na blijft dus dezelfde waakzaamheid geboden, waarop wij reeds een beroep deden.

Wij herhalen dat beroep, en wij vinden in hetgeen ons dezer dagen ter oore kwam, aanleiding om dat nog eens met bijzonderen nadruk te doen.

Deze zaak toch heeft een kant, waarop nog niet gewezen is, en waarop wij thans niet mogen nalaten, de aandacht te vestigen.

Zijn onze inlichtingen juist — en wij hebben alle reden om dat te gelooven — dan bestaat bij meer dan een van de allergrootste buitenlandsche ijzer- en mijnwerken de wensch, om aan den Waterweg de beschikking te verkrijgen over eigen havens en terreinen voor de lossing, de overlading en den opslag van erts en van kolen.

Nu is natuurlijk niets verder van ons verwijderd, dan dat wij ongaarne zouden zien, dat machtige buitenlandsche bedrijven hier of in onze omgeving zich vestigen en inrichten. Integendeel achten wij dat een allergewichtigsten factor voor den bloei van onze haven.

Maar onder één voorwaarde: dat zulks geschiede in water, dat onder het beheer is van eene Nederlandsche overheid.

Men behoeft nog niet te denken aan eene vreemde oorlogshaven op Nederlandsch gebied, noch aan een reparatiewerf of een kolenstation voor eene buitenlandsche vloot, om de gevaren te beseffen, welke voor ons land, en de moeilijkheden welke voor onze regeering geboren kunnen worden uit de omstandigheid, dat havenbasins, met monding op den Waterweg, in handen zijn van vreemde ondernemingen, welker betrekking tot hun gouvernement vaak heel wat inniger is, dan zulks te onzent het geval pleegt te zijn.

Wij hebben de oogen open te houden voor het feit, dat de

Sluiten