Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BERAADSLAGINGEN.

895

han" plaats heeft, een inlandsche onderwijzer werkzaam is; men is althans begonnen aan die menschen nu eenig schoolonderwijs te verstrekken, dat zal gegeven worden in het departementsgebouw te Sabang. Nu pas is het als een openbaring geworden dat, wanneer men inlanders degelijk wil opleiden, voor het bedienen van de kanonnen en voor andere werkzaamheden aan boord, deze althans wat moeten leeren lezen. Men is begonnen met één inlandsch onderwijzer, misschien dat het aanbeveling zou verdienen dat nog uit te breiden; maar ik erken, dat er een begin is, een bewijs dat men iets beter wil dan tot nog toe.

Ik heb altijd gedacht dat het Departement van Marine in Indië voor het uitbreiden van het inlandsche element aan boord, al weinig gevoelde en dat daarom de opleiding van inlandsch personeel niet krachtig werd bevorderd.

De Minister deelt nog mede, dat de opleiding in den tijd dat zij bestaat, tweemaal gedurende geruimen tijd onderbroken is geworden, omdat het opleidingsschip voor andere diensten moest worden bestemd. Dat komt mij nogal zonderling voor; het schip, dat voor de opleiding dient, moet op den duur voor dat doel bestemd kunnen blijven. Het is dan ook niet te verwonderen, onder al die omstandigheden, dat de Minister in de stukken mededeelt, dat de rapporten omtrent de opleiding voorloopig niet gunstig zijn. Ik zou willen vragen, hoe dat anders zou kunnen. Toch, Mijnheer de Voorzitter, blijkt elders, dat men van den inlander, als men hem slechts goed onderwijs geeft en leidt, op elk gebied kan maken wat men wil; waarom zou men hem dan juist niet kunnen opleiden voor de vloot? Ik betwijfel, of men bij de opleiding wel systematisch te werk gaat; als men er op let, dat men bij de opleiding van jongelieden hier te lande begint met de kweekschool te Leiden, vervolgt op het opleidingsschip te Hellevoetsluis en hen dan vervolgens op een vormingsschip, waarvoor op het oogenblik de „Gelderland" dienst doet, hun opleiding doet voortzettten; als verder in aanmerking wordt genomen, dat die jongelieden, als zij in dienst komen, de lagere school hebben doorloopen, zoodat zij kunnen begrijpen wat hun wordt voorgezet, dan begrijpt men toch, dat men in Indië hetzelfde, ja nog meer zal moeten doen, omdat aan het onderwijs der inlanders nog zooveel ontbreekt en dat er aan de opleiding, zooals die thans in Indië is, dus zeer veel moet ontbreken.

Ik geloof, dat men ook moet trachten aan den dienst flinke jongelieden te verbinden, wier gehalte hooger staat dan dat tot dusverre het geval was; maar wil men dat ernstig, dan zullen de voorwaarden voor den dienst en de dienstneming gunstiger moeten worden dan thans het geval is. Men zal daarvoor allicht wat dieper in den zak moeten tasten, maar als men een behoorlijke bemanning van de vloot in Indië wenscht en niet wil, dat in Nederland veel meer personeel in dienst moet worden gehouden dan eigenlijk noodig is, dan moet de opleiding

Sluiten