Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beraadslagingen.

561

dienst vordert, dat de geneeskundigen bij de Marine militairen zijn. Ook bij andere natiën is dit het geval. Den ondergeteekende zijn geen redenen bekend, waarom de ziekenbehandeling tegenover minderen zou moeten lijden onder het militair zijn van den geneeskundige".

Toen Minister Wentholt dit schreef, en ik haal dit aan omdat deze minister betoogd heeft, dat hij over het algemeen instemt met het antwoord van zijn voorganger, toen was hij waarschijnlijk onbekend met het artikel van den oud-officier van gezondheid van Trotsenburg in „de Amsterdammer" van Juni 1911, anders zou hij die reden wel hebben gekend. Ik kom daar straks op terug.

Mijns inziens ligt de fout van den militairen geneeskundigen dienst grootendeels aan het stelsel, maar niet altijd; het ligt ook wel eens aan de individuen, al vrees ik, dat vaak de individuen door het stelsel worden bedorven. Ik denk bijv. aan het geruchtmakend geval van dr. Stabk te Hellevoetsluis die gevraagd werd te komen bij een stervend kind van een militair in zijn directie. Hij had er geen lust in en had den vrager de boodschap mede gegeven: leg er maar een lakentje overheen, want het zal wel dood gaan.

De Minister vraagt, wanneer dit gebeurd is. Dit is een paar jaar geleden gebeurd en uitvoerig behandeld door verschillende rechtbanken. Als ik denk aan dit geval, kan ik de zaak niet geheel op het stelsel schuiven, want wij hebben hier te doen met den persoon van den doctor. Bij de behandeling voor de rechtbank is door den doctor erkend, dat hij deze woorden had gesproken en werd ook erkend, dat hij ook aan den vader van het stervende kind verlof had geweigerd om de afgetobde moeder een weinig bij te staan. De doctor heeft zich •dus niet van den allervriendelijksten kant leeren kennen. Het is het blad „Het Anker" geweest dat deze zaak heeft gepubliceerd. Toen heeft het marinebestuur niet gerust voordat de redacteur van dat blad, die voor dit bericht aansprakelijk werd gesteld, en die dus ook zijn zegsman niet noemen wilde, veroordeeld werd. Maar dit heeft verschrikkelijk veel moeite gekost, want deze redacteur is herhaaldelijk door verschillende rechtbanken vrijgesproken, omdat 't glashelder was, dat men gehandeld had in het algemeen belang door deze zaak te publiceeren. Maar het marinebestuur heeft net zoo lang gewerkt, totdat deze zaak weder teruggezonden is naar een andere rechtbank die toen eindelijk bereid is bevonden wegens een bijkomende onjuistheid in het relaas, den redacteur van „Het Anker" te veroordeelen.

De Minister zal dit alles wel niet zoo gevolgd hebben, maar ik geloof, dat deze procedure aan dr. Stark en aan den militairen geneeskundigen dienst bij de marine oneindig veel meer kwaad hebben gedaan dan aan den redacteur van „Het Anker". Ik wil er bovendien nog op wijzen, dat nooit is gebleken, dat dr. Stark door het marinebestuur is gestraft, of een reprimande

Sluiten