Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

744

DE HOLLANDSCHE REVUE.

lang dienst doen totdat de lichting van 1903 onder wapens komt, en daarna weer naar huis gezonden worden; de lichtingen van 1903 en 1904 zullen elkander dan veel te snel opvolgen, om voldoende geoefend te worden, en wat wellicht nog het ergste is, zoowel in als buiten het leger zal over het oproepen voor onbepaalden tijd van een zoo groot aantal reservisten eene ongekende ontevredenheid ontstaan, die aan de discipline in het leger veel afbreuk kan doen. Ook nu, toen in Oktober de oudste lichting, niet naar huis kon gaan, is gebleken hoe zeer de tucht in 't leger daaronder te lijden had.

Het beroep van den nieuwen honved-minister, op de oppositie om door eene snelle afdoening van zijn wetsontwerp door daden te toonen, dat zij werkelijk voor de Hongaarsche soldaten een warm hart heeft, was dan ook van pas, en het is te hopen voor het land, dat de afgevaardigden daaraan gehoor zullen geven. Willen zij de kroon toch dwingen de Hongaarsche kommando-taal toe te staan, zoo bestaat daartoe de gelegenheid bij de behandeling der begrooting voor het volgende jaar, door 't niet goedkeuren der voor 't leger benoodigde bedragen.

Nog erger is de verlegenheid der regeering wat het handelsverdrag met Italië betreft; dit verdrag werd door het Ministerie van Buitenlandsche Zaken opgezegd en wel hoofdzakelijk op aandringen der Hongaarsche regeering, die voor de belangen van den wijnbouw optrad, die volgens haar onder de bizonder lage invoerrechten die van Italiaanschen wijn geheven worden, zwaar te lijden heeft.

Toen evenwel na den val van 't kabinet Banffy, Szell als minister president optrad, werd door hem met de oppositie, waartoe toen ook graaf Apponyi en zijne aanhangers nog behoorden, een overeenkomst gesloten, die schriftelijk opgemaakt, o. a. de merkwaardige bepaling bevat, dat daarin geene verandering gebracht kan worden dan met de toestemming van alle partijen van den Rijksdag. Een der bepalingen van dit kompromis was, dat de regeering niet gerechtigd is nieuwe handelsverdragen te sluiten voor dat de Rijksdag een nieuw toltarief zal goedgekeurd hebben, en deze bepaling werd als wet N°. XXX in 't jaar 1899 door het parlement aangenomen. Wil nu de oppositie werkelijk de regeering dwarsboomen en het haar onmogelijk maken voor de belangen van het land te zorgen, dan zal zij zeker deze gelegenheid niet ongebruikt laten voorbijgaan om hel Kabinet in een onhoudbaren toestand te brengen. In overeenstemming met de Oostenrijksche regeering heeft de Hongaarsche besloten, het handelsverdrag met Italië voorloopig voor één jaar te verlengen, waarbij alleen de bepaling betreffende den invoer van wijn zal wegblijven.

In Oostenrijk zal de regeering trachten de daartoe noodige volmacht van den Rijksraad te te verkrijgen; gelukt haar dit niet, zoo zal zij

zich zelve deze volmacht op grond van § 14 geven, en zoodoende in staat zijn de belangen van het land te behartigen; in Hongarijë is de regeering daarentegen onmachtig wanneer de oppositie hare vijandige houding blijft handhaven. Dat daardoor de verbittering van Oostenrijk tegenover Hongarijë — en ditmaal met het volste recht — nog zou toenemen, is niet te betwijfelen, en evenmin dat die zoo groot zou kunnen worden dat de koning verplicht zou zijn, zijn Kabinet daarvoor op te offeren.

De schade, die de oppositie door hare houding tot nu toe aan het land berokkend heeft, is reeds zeer groot; wanneer zij evenwel op dezen weg blijft voortgaan, zijn de gevolgen waarlijk niet te overzien, omdat der regeering dan alleen de keus overblijft het land door onwettige handelingen voor grooter nadeel te behoeden, of te gedoogen dat de bevolking zoowel in Oostenrijk als in Hongarijë onherstelbare verliezen lijdt.

^ . , .. . ,. _ Men weet, dat ChamDe protektionistische v.priain na ziin aftieplannen van Chamberlain. üerlai 1 na zjjnattleden als Minister van Koloniën het land doortrekt, om door middel van lezingen propaganda te maken voor zijne protektionistische plannen. Dat evenwel een dergelijke propaganda niet voor niets kan geschieden maar schatten geld eischt, zoo zelfs, dat men er in vergelijking met de kosten voor propagandistische doeleinden in ons land bijna geen begrip van heeft, kan hieruit blijken, dat de door Chamberlain gestichtte „Tariff Reform League" een oproep doet om geldelijke bijdragen tot bestrijding van de propagandakosten.

Het stuk is geteekend door Chamberlain en den hertog van Sutherland. De bond heeft in drie maanden tijds over geheel Engeland vertakkingen gekregen. Een groote staf van sprekers, sommige opgeroepen uit de koloniën, staat gereed om overal lezingen en vergaderingen te houden. Een informatiekantoor is werkzaam, dat op aanvrage de menschen omtrent alles wat de hervorming van het tarief betreft, op de hoogte houdt. Een werk dat zoo breed is opgezet kan, niet ten uitvoer worden gebracht zonder ruime middelen.

Cobden heeft indertijd 4.800.000 gulden gekregen om hem in staat te stellen de kampagne te voeren, die uitgeloopen is op de invoering van den vrijhandel. „De Tariff Reform League" hoopt, dat er op zijn minst 100 aanhangers zullen zijn, die elk ƒ 12.000 willen bijdragen, te storten in 4 jaarlijksche termijnen van f 3000. Twintig giften van f 12000 onder die voorwaarden zijn al ingekomen. Anderen hebben ingeteekend van f 12 tot f 6000.

^ ,. ,. ., .. Het ministerie Combes

De anti-klerikale li,..». •• ,. • , -i < politiek in Frankrijk. blfl£. zijn anti-klerikale politiek doorvoeren. Nadat het bij de beide Kamers der Staten Generaal aldaar gedaan had gekregen, dat de kongregaties in de ban gedaan of uit het land verwijderd zou-

Sluiten