Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BELANGRIJKE ONDERWERPEN.

755

Wanneer men zich zoo eens de gebeurtenissen van een afgesloten tijdperk voor den geest haalt, zoo schrijft hij, doemen daaruit dikwerf eenige op, die men zich gaarne nog eens herinnert en dan ook anderen mededeelt.

'tls n.1. juist een jaar geleden, dat steller dezes als een der laatste krijgsgevangenen St. Helena verliet, het eiland dat hem twee jaren gastvrijheid, zij het dan ook eene gedwongene, verleende.

Hoe treurig was destijds, bij de landing (Nov. 1900) ons aller toestand. Vervuild, verhongerd marcheerden wij in een aanhoudenden regen naar Deadwood-Kamp; doch hoe spoedig konden wij bij het wederzien van vrienden en bekenden weder schertsen en lachen. Wat hadden wij elkander veel te vertellen en wat hadden wij dikwerf schik, wanneer ons avonturen werden verhaald,

„stretchers" van bamboe, zakken en aloë-touwen te plaatsen, zoodat men niet als in de burgertenten met 12 man op den grond behoefde te liggen. En toch hadden wij er dikwerf pret, vooral 's avonds, wanneer ons lampje opgestoken werd en wij onder het genot van een „bak koffie", meestal zonder melk, al dampende ons partijtje whist speelden.

De toenmalige kommandant, Colonel Paget, een zeer voorkomend man, die werkelijk zijn uiterste best deed om ons het kampleven zoo dragelijk mogelijk te maken, gaf last, de ledige beschuitblikken ter vervoeging van die krijgsgevangenen te stellen, welke, om de overbevolking' in de tenten der burgers tegen te gaan, hun eigen huisjes in een afzonderlijk gedeelte van het kamp wenschten te bouwen.

Een uit beschuitblikken gebouwd koffiehuisje in het Deadwood-kamp, waar binnengesmokkelde dranken werden verkocht.

waaronder verscheidene met een echt jagerstintje gevernisd, vol van die wederwaardigheden, welke men alleen in een heuschen oorlog kan beleven.

En wat maakten wij een haast om onze dierbaren in Holland en elders van ons aanlanden op St. Helena in kennis te stellen, waardoor ongerustheid en angst dan dikwerf weggenomen werden. Welkom waren ons dan na eenigen tijd de stoffelijke bewijzen van liefde en vriendschap, in den vorm van kleederen, tabak, sigaren, boeken enz., alle zaken, die ons den tijd hielpen korten en onze gedachten in de goede richting leidden.

Dat we nu niet bepaald comfortable woningen hadden, blijkt eenigszins uit hier voorgaande foto.

Gelukkig degenen, die eene officierstent konden bewonen, waardoor 't vier man mogelijk werd,

Zoo verrees weldra „Blikjesdorp" — eene alleraardigste verzameling van gebouwtjes, waarin allerlei bedrijven, als die van bakker, houtsnijder, schilder, kofnehuishouder-zonder-vergunning, werden uitgeoefend.

Eenige dier laatste kategorie kregen weldra veel navraag naar spiritualiën. We hadden veel last, n.1. wegens het gemis van aardappelen en groenten, van ingewandsziekten en zouden ons een paar „zoopies" later goede diensten bewijzen.

Waar er echter onder de kampreglementen ook een streng verbod tegen binnensmokkelen van verboden waar voorkwam, zaten onze heeren-koffiehuishouders met de handen in het haar.

Onze beroemde „Kootje", alias mazelendokter, was echter een smokkelaar up-to-date. Hij was weldra in staat ons een whiskey of gin tegen

Sluiten