Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

90

DE VEREENIGDE TIJDSCHRIFTEN

zwakke spieren ongebruikt en tracht hun werk door sterkere spieren, die niet voor hun taak berekend zijn, te doen verrichten, hetgeen eenigszins doet denken aan een ongelukkige die gedoemd is op krukken te loopen.

Aan de medewerking van schouder- en rugspieren is, bij de vingerbeweging op de piano, bewust of onbewust, met of zonder den wil daartoe, niet te ontkomen. Want om de vingers te bewegen bij een bepaalde houding van den arm ten opzichte van de romp, is het noodig, dat de arm in die positie gehouden, gefixeerd wordt, hetwelk geschiedt door inspanning van de rug-, schouder-en bovenarmspieren. Deze spieren moeten dus gebruikt worden voor het fixeeren van den arm, teneinde de vingers te kunnen bewegen bij bepaalden stand van den arm, doch nooit voor de beweging der vingers zelve, waartoe zij trouwens ook niet zouden kunnen dienen, daar die spieren niet vast zitten aan skelet-deelen van de hand.

De vingerbeweging op de piano zet, door den stand van den bovenarm, beter gezegd, doordat de schouder- en rugspieren den bovenarm in een bepaalden stand moeten houden, het geheele spierencomplex vanaf vingerspieren tot rugspieren in actie, in spanning.

Het laag trekken der schouders en het spannen der rugspieren heeft wel invloed op den bovenarm, maar niet op onderarm, hand en vingers. Het is een dwaling om de spanning van rug- en schouder spieren als uitgangspunt van de klaviertechnische studie te nemen, daar geen vinger in staat is zich te bewegen door deze spierwerking alleen.

Dit alles neemt niet weg, dat het bewuste spannen van rug- en schouderspieren en het bewuste omlaag trekken der schouders hetgeen door Elisabeth Caland in de klavier-technische theorie is gebracht, van groote waarde zijn. Al geschiedde

deze beweging bij de goede pianisten reeds altijd instinctief, voor het onderricht is het van 't grootste belang, dat de paedagoog zich van de geheele werking van het bewegingsapparaat bewust is.

Na de vingergymnastiek worden pols en armen gymnastisch geoefend, welke oefening ik hier buiten bespreking zal laten omdat waarlijk niet nog meer de aandacht hierop behoeft te worden gevestigd. Tal van moderne schrijvers over klaviertechniek hebben meer dan voldoende de hand- en armbewegingen besproken. De uitdrukking: „des guten zu viel" vindt ook hier haar juiste toepassing, omdat zij door bedoelde overmaat, van bijkomstigheid hoofdzaak maakten en de werkelijke hoofdzaak achterwege lieten, doordat de vingerbeweging absoluut werd genegeerd.

Het volgende uit Breithaupt's Natürliche Klavier-technik karakteriseert vrij wel den toestand van heden: „die Alten hatten ein reines Fingerspiel, die Jungen von heute haben mehr ein Arm- oder Schulterspiel. Je weniger man die Finger bewegt, urn so besser. (Wordt vervolgd).

Illllllll llllllIIININlIlllllllllIlllllllllilllllllIllllllllllllllllW

Personalia.

Emanuel Wirth. f De beroemde Weener muziekspeler en violistenvormer Emanuel Wirth, die zoovele jaren leeraar aan de Berlijnsche Hochschule, altist van Joachim's kwartet en triogenoot van Barth en Hausmann was en in het begin van zijn loopbaan te Rotterdam als concertmeester heeft gewerkt, is op tachtigjarigen leeftijd gestorven.

i luiHiid iiitjfiniiiiiiifttiiiiiiTiititiiiiiiiiiiiiiitiiii ntiuHinii iimiiRiiii [luinumnRRHsmiHiiiiir iuji mutu Hmiïnuinni Belangrijke Data.

15 Jan. f Louis Etiene Ernest Reyer 1823—1909.

16 „ f Léo Delibes 1836—1891.

t Wilhelm Berger 1861-1911.

17 „ * Wilhelm Kienzl 1867.

i" Johannes Josephus Herman Verhulst

1816-1891. t Amilcare Ponchielli 1834—1886.

Sluiten