Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

CAECILIA EN HET MUZIEKCOLLEGE

43

gulden regel moet de paedagoog nimmer uit het oog verliezen. De toepassing bespaart veel tijd en moeite en voorkomt, dat men zich moedeloos afwendt van iets, dat men meent, niet te kunnen bemachtigen.

Hetgeen op de slotbladzijden 73 en 74 gezegd wordt over het vibrato en de zelfcontrole, is door zijn beknoptheid even juist als waard om goed gelezen te worden, waarmee ik niet wil zeggen, dat hetgeen hieraan voorafgaat niet juist is. Doch men denke ook hier aan het fabeltje van den duizendpoot, die niet meer in staat was mooi te kunnen dansen, toen hij begon na te denken over de vraag, hem dooi een ezel gesteld, wat hij nu wel deed met zijn 289en poot, als de 317e in beweging was.

Het boekje is uitgegeven bij de firma Wagenaar te Utrecht, prijs ƒ 0.90, met een voorbericht van Dr. Joh. Wagenaar.

■iiifiiiitiiiiiiiiiiiiitiiiiiiifiiiiiiiiiitiiiiiiiiiiiiiiiiiiriiii(niiiiiiiittiiiiiiuiiiiiiiiiiiitii(iiiifiiiiitiiiit[iiiiif»»f(ifHfjffjffiiHHi

Massenet

door FERD. KLOEK.

Er zijn onder de beoefenaren der toonkunst velen, die een recht spoor volgen, rechts noch links zien, en weinig of geen kennis nemen van stroomingen, die niet rechtstreeks vallen in de lijn hunner ontwikkeling of smaak. Indien deze ontwikkeling een klassieke is, om maar een term te gebruiken dan is, (vindt men) belangstelling voor operamuziek schadelijk voor die ontwikkeling. Dit inzicht is meestal niet persoonlijk, maar gebaseerd op traditie, en voor een zeker deel valsche schaamte. Tot mijn spijt kan ik het om een dergelijk werk te leeren kennen niet minderwaardig vinden dit op de piano te spelen.

Goede operamuziek kan zeker smaakveredelend werken, kan er toe bijdragen los te komen van minderwaardige en suffe

muziek, kan behoeden voor een te exclusieve houding inzake „klassieke muziek."

Wij moeten de muziek accepteeren onder alle vormen waarin zij tot ons komt en het goede daarvan behouden.

Zijn om een enkel voorbeeld te noemen de opera's van Mozart minder klassiek dan zijn sonaten?

Ik wilde echter niet over Mozart, maar over Massenet iets zeggen.

Massenet dan (Louis Schneider, een schrijver die hem zeer waardeerde, heeft gezegd, laat Jules er maar af, er is toch maar één Massenet) leefde van 1842—1912, is dus 70 jaar geworden, oud voor een componist, daar de statistiek heeft bewezen, dat 63 jaar de gemiddelde leeftijd is voor deze categorie.

Hij heeft heel wat geproduceerd in dat leven. Hij was ook het type van een werkzaam mensch, was er steeds op uit, om met zijn ontvankelijkheid steeds het nieuwe op te nemen en te verwerken.

Ook was hij ordelijk in zijn werkzaamheid : 's morgens componeeren en 's middags en 's avonds les geven aan het conservatorium en spreken met de artisten die zijn werken op het tooneel vertolkten.

Massenet kon in zijn vruchtbaarsten tijd bijna ieder jaar een nieuwe opera schrijven, en men heeft hem die veelschrijverij wel eens verweten, maar dan zei hij: „denk maar niet dat ik in zoo korten tijd een opera componeer, ik ben er wel achttien maanden mee bezig, want vanaf het oogenblik dat ik mijn onderwerp heb gekozen, denk ik aan niets anders meer, en zoo komt het van lieverlede in mijn brein tot algeheele ontwikkeling. Als het in mijn gedachten geheel voltooid is, heb ik niets meer te doen dan het op te schrijven, en ik doe zulks, alsof het copiewerk was. Ik kan daaraan zoo lang als ik wil bezig zijn, en mijn vrouw mag dan hard op zitten lezen of praten, zonder me in het minst te storen, zoo ijzervast zit het geschreven schema in mijn hoofd." Dit, ont-

Sluiten