Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

94

DE VEREENIGDE TIJDSCHRIFTEN

vereering tot Mozart opzag, en zijn derden doopnaam, zijn roepnaam, had vervangen door Amadeus. En stellig heeft zijn melodie wel iets persoonlijks, door de tijdgenooten trouwens opgemerkt, en zijn contrapunctische sonatestijl iets ongewoons. Maar de geniale schrijver in den verbazend veelzijdige — die roem verwierf als jurist, in aanzien stond als rechterlijk ambtenaar, niettemin berucht was om losbandigheid, knap teekende, verplaatst werd wegens karikaturen, een concertzaal in zijn tweede ballingsoord Warschau met schilderwerk sierde, door den oorlog buiten betrekking geraakt, eerst armoede leed als muziekonderwijzer maar zich spoedig onderscheiden kon als dirigent en na tien jaren op een hoogen post bij de Berlijnsche magistratuur kwam — de novellist, als zoodanig om het totaal van zijn eigenschappen weergaloos, is ook voor den musicus belangrijker dan de begaafde toondichter, en zou het zijn al had hij niet behalve den wijzen kater Murr kapelmeester Kreisler geschapen, denkelijk naar zichzelf, mede blijkens een comisch geboortebericht met den datum 24 Januari, minder naar den steeds als model genoemden Böhner. Hij werd en bleef spreekwoordelijk om zijn spookgeschiedenissen, die hem toch bijwijlen meer middel dan doel waren, zooals in zijn onvergetelijke schets Ritter Gluck, zijn debuut aan Rochlitz' tijdschrift. Een feuilleton van Sibmacher Zijnen in het Handelsblad heeft hemzelf eens naar eigen trant laten spoken en goed gekarakteriseerd ter gelegenheid eener opvoering van Les Contes d'Hoffmann. Hij was de spectator in zijn muziekwereld, hekelaar van allerlei kunstschennis, bewonderend beschouwer ook, ijveraar voor Beethoven, die hem in 1820 een briefje van dankbetuiging liet brengen. Hij vond de parallellen Bach—Dom te Straatsburg; oud-Italiaansche meesters—Pieterskerk te Rome. Hij voelde dadelijk de beteekenis van Der Freischütz. Als enthousiast en

fantast, ironicus en satiricus, in uitbundigheid, vernuft, sentimentaliteit en gelaten bitterheid ten slotte (zie het besluit, anecdote van den kranke die zingt en den even ontwaakten verpleger die zegt dat hij hem niet stoort en dan weer inslaapt) zouden wij hem met Berlioz kunnen vergelijken, zoo wij diens partituren en boeken samenvatten.

Er is meer dan één uitgaaf zijner geschriften, een goedkoope, bruikbare van Eduard Grisebach in vijftien deelen (vier banden) met biografie, Jean Paul's wat geforceerd geestige voorrede, teekeningen en registers van namen en zaken, waarin men ook zijn ontgonnen mijnen van librettostof overziet. Veel heeft hij kunnen schrijven bij zulk een krachtsplitsing in een maar zesenveertigjarig en door lange ruggemergsziekte geëindigd leven. Hauptmann's Crampton scheldt voor ignoranten wie hem niet kennen. Hebben wij van hem alles gelezen? Ik hoop dat velen onzer met mij moeten zeggen:

Ik heb 't mij dikwijls voorgenomen, Maar ben er nimmer toe gekomen.

Hun wensch ik een mij helaas ontbrekende ruime keus van vrije winteravonden.

v. W.

■iirnrrif r^imcmtrjiiirinjrifiiiifiiiiiiittririiitïiinriiTiiiiiiiiiiiiiiiiiiiMiiiiiiiiiJEifiiiifiiiiiMiiiiiiiiiiijnjnmiiijiiiiTiuifiini Het praatje van de maand.

De Haagsche bioscoop-muzikanten staken. De heeren willen ééns in de week een vrijen dag hebben. Ik zou me niet gaarne partij stellen, omdat ik te weinig weet, omdat ik het aantal diensturen van de muzikanten niet ken, omdat ik niet weet hoe lang zij des zomers vacantie hebben, enz., enz. Ik zou dus van beide kanten ingelicht moeten worden — zoowel door de werkgevers als door de werknemers — alvorens ik me tot een uitspraak bereid zou willen verklaren.

Zoo gezien zou ik zeggen dat de eisch, een dag in de week vrij te zijn niet onbil-

Sluiten