Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2

s( iiootstafeiJ3EREKEKING.

Hieruit volgt ook onmiddellijk, dat de uit deze gegevens berekende vluchttijd, eindsnelheid en invalshoek theoretisch niet juist zijn. Deze waarden zijn echter voldoende nauwkeurig voor de praktijk.

Om dus eene schootstafel te berekenen moet, wanneer de aanvankelijke snelheid gegeven is, bij verschillende uitvaartshoeken de schootsverheid worden bepaald en daarmede de k voor een bepaalden uitvaartshoek of eene bepaalde schootsverheid worden berekend. Door interpolatie is dan de waarde van k voor de tusschengelegen uitvaartshoeken of schootsverheden te bepalen.

Bij de aanschaffing van de semi-automatische kanonnen van 5 cM. werd bericht ontvangen, dat de A. G. Krupf voortaan de schootstafels zou berekenen volgens de nieuwste methode van SiACCl (SiACCl III), met behulp van de secundaire functies uit de tafels van FaSELLA.

Wij merken hierbij in de eerste plaats op, dat door de A. G. Krupp wordt afgeweken van haar tot dusverre gevolgde methode, hetgeen echter zeer verklaarbaar is, daar ontegenzeggelijk de methode van SiACCl iets nauwkeuriger is.

Omtrent de nauwkeurigheid, dus betrouwbaarheid, van de tafels van FASELLA merken wij op, dat in verband met de praktische bepaling van k, dit vrijwel eene bijzaak is. Alle tafels zullen op deze wijze handelende ruim voldoende nauwkeurige resultaten geven.

Wij dienen nu na te gaan op welke wijze de formules van SiACCl samengesteld zijn en op welk beginsel de secundaire functies in het algemeen en die van FASELLA in het bijzonder berusten.

Noemen wij de snelheid van het projectiel in een willekeurig punt van de baan „V", de hellingshoek van de baan in dat punt „d", dan zullen op het projectiel in dat punt werken : de luchttegenstand en de zwaartekracht. Deze beide krachten zullen dus de snelheid van het projectiel wijzigen, terwijl deze wijziging (vertraging of versnelling) evenredig is met de grootte dezer krachten.

De luchttegenstand zal bij een bepaald projectiel eene functie zijn van de snelheid, dus voorgesteld kunnen worden door ,,/(V)", terwijl de versnelling dan voorgesteld kan worden door ,,c/(V)". Als eerste veronderstelling nemen wij nu aan, dat de luchttegenstand werkt in de richting van beweging, hetgeen, zooals wij weten, niet geheel juist is.

Ontbinden wij de snelheid van het projectiel in eene horizontale en in eene verticale snelheid, dan is gemakkelijk

Sluiten