Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BOEKBESPREKING

"7

moeten gaan,

dat de resultante van de krachten die van het remanent magnetisme uitgaan, lag in het toenmalige magnetisch meridiaanvlak. Stel nu, dat' een schip N.O. koerst, dan zou mijns inziens die bewering alléén juist zijn, als symmetrie bestond ten opzichte van een vlak, dat toen magnetisch meridiaanvlak was. m. a. w. van een vlak, dat

een hoek van 45° met het langscheeps

vlak maakt. Dit nu

toch gaat zeker in

het algemeen niet aan.

vlak ten opzichte waarvan symmetrie zou moeten bestaan.

Hp 1

Op blz. 14 komt de storende drukfout — voor, moet zijn y eveneens op regel 6 en 1 v. o. Op blz. 15

moet weer Hp zijn Hp en lp , lv ■

Omdat, zie blz. 15, mag aangenomen worden, dat

konstant is, is feitelijk nog ^ niet konstant. Die breuk is dan

A t

H„

1

immers

2(HP+ AHX A*)

a H

A I + -W- X A*

dus nog

nfVianWfliik van H„. die steeds varieert.

Het zou wellicht aanbeveling verdienen aan regel 1 en 2 blz. 17 toe te voegen: indien men op de vroeger bij rondhaling bepaalde fouten vertrouwt (geval I).

koers in geval II

koers in geval I

koers die men opwil gaan

Bepaalde men n.1. dadelijk na koersverandering de fout,

Sluiten