Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET TURKSCHE RIJK IN EUROPA.

153

Het krijgsplan der bondgenooten was als volgt samen te vatten:

(Zie schetskaart). a. Oostelijk operatie-terrein: Snelle opmarsen naar Konstantinopel via Adrianopel door de hoofdmacht van het Bulgaarsche leger, om den Turk »über den Haufen" te loopen alvorens de aanvullingstroepen uit KleinAzië in de linie waren gerukt. Midden- Opmarsch van het Servische leger,

en ondersteund door een deel van

c. Zuidelijk-operatie terrein, het Bulgaarsche naar Saloniki,

welke handeling uit Zuidelijke richting door de Grieksche hoofdmacht kon worden gesteund. In Macedonië en Albanië waren de Turken zwak. Door een gelijktijdigen opmarsch uit Noordelijke en Zuidelijke richting werden zij afgesneden en kwam men zoodoende indirect ook Montenegro te hulp.

d. Westelijk- Servische operaties in het Sandsen jak en de Kossovo, Montene-

grijnsche tegen Skoetari. e Noordelijk operatie-terrein. Grieksche in Epirus.

Albanië was in zooverre betrokken in den krijg, dat Grieken, Serven en Montenegrijnen belang meenden te hebben bij ondernemingen in deszelfs grensgebied.

ƒ. Ter zee. Afsluiting van den zeeweg van

Smyrna naar Dede-Agatsj en Saloniki.

Dekking van troepentransporten der bondgenooten over zee.

a. b. c. en ƒ waren de hoofdlijnen, d. en e. slechts nevenoperaties van het plan.

In Oost-Thracië moest de beslissing vallen.

De strategische positie der Turken was — gelijk reeds aangestipt — zeer nadeelig.

Hierom en ook op physieke en zedelijke gronden was het Turksche leger uitsluitend aangewezen op het strategisch defensief.

Sluiten