Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

75°

MILITAIRE GEREEDHEID.

Te kort schieten in de voorbereiding van het gebruik van de militaire macht, noodig om een nationaal doel te bereiken, heeft menigen Staat haar hartebloed gekost. Dan moet ze op verschillende wijs en vele malen betalen voor een enkele fout, want in hare afrekening met gevallen Staten sluit de voorzienigheid nooit hare boeken af.

Verstandige voorbereiding moet zoowel een volledig overzicht van al onze eigen machtsmiddelen, financiën en hulpbronnen omvatten, als van die van den vijand. Departementen en bureaux, legers en vloten, kanonnen, torpedo's en personeel zijn alle slechts onderdeden, evenals inderdaad alle kwesties van Moreel, Beginselen van bevelvoering, of zelfs „De behoorlijke Organisatie en het Bestuur van de Nationale Vloot voor het Voeren van een Grooten Oorlog".

Men kan de vraag stellen of niet al deze vraagstukken ieder tenminste gedeeltelijk door verschillende menschen zijn opgelost; maar het antwoord is: „Neen, niet alle". En het is treurig maar waar, dat op de vraag „Zijn we gereed voor den strijd?" zelfs een nog meer onbevredigend antwoord gegeven moet worden.

Indien iemand, niet bekend met werktuigkunde, toevallig aan boord van een „dreadnought" mocht komen, terwijl het schijfschieten in vollen gang is, zal zijn eerste indruk er waarschijnlijk een van verbazing zijn, dat het nog mogelijk is een enkelen treffer te verkrijgen bij al de schijnbaar groote verwarring, die zich aan zijn oog voordoet. Langzamerhand echter zal hij inzien, dat de snelheid, waarmede ieder rad draait, precies geregeld is, dat de zuigers geen slag kunnen maken, die maar een haarbreedte afwijkt van die welke bedoeld is, dat de spankracht van de buskruitgassen achter de granaat zeer nauwkeurig geregeld kan worden, dat veiligheden en dubbele veiligheden bestaan als een voldoende waarborg tegen ongelukken en dat ieder onderdeel van de machinerie geschikt is, om een zekere gespecificeerde taak te verrichten en onder zulk een volmaakte controle is, dat het de verrichtingen van eenig ander onderdeel niet kan verhinderen. Hij zal dan niet langer verbaasd zijn, dat met behoorlijke zorg voor het materieel en voldoende oefening van het personeel, de schijf letterlijk in stukken geschoten wordt op een afstand van 10.000 meters.

Indien hij echter bij nader onderzoek tot het besluit komt, dat de verwarring zelfs grooter is, dan hij zich aanvankelijk voorstelde, dat de beweging van ieder rad in hooge mate gebrekkig is, dat de zuigers telkens klemmen, dat niemand tevoren de spanning van het buskruit bepaald heeft, dat

Sluiten