Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

52

hij Constanze te Weenen ontmoette, hielpen de herhaalde vermaningen van zijn vader niet meer en hij ontvoerde zijne aanstaande vrouw even als Belmonte.

De voorspelling van armoede is geheel uitgekomen, maar niet die, dat men na zijn dood niet meer over hem in boeken zou schrijven en dat hij spoedig vergeten zou zijn.

Doch aan dat alles dacht de gelukkige bruidegom niet. Zijn vriendin en beschermster, barones Waldstadten, verleende hem bij zijn „Entführung" krachtdadige hulp. Zij ruimde de hinderpalen uit den weg, wendde zich tot Leopold Mozart, verschafte het noodige bedrag voor het huwelijks-contract, en zorgde voor de kerkelijke toestemming, en den 4en Augustus, zelfs voor eindelijk de toestemming uit Salzburg kwam, vierden de gelukkige jongelieden bij de barones hun bruiloftsfeest en zooals Mozart schrijft „toen wij vereenigd waren, weenden wij beiden en allen, ook de priester, werden er door getrofien, daar zij getuigen van de ontroering onzer harten waren".

De overeenkomst van het lot van Belmonte en Mozart was beslissend voor de bewerking der opera. Om Belmonte te schilderen behoefde Mozart slechts zichzelf te teekenen. Die rol is in vocaal opzicht een der schoonste die hij heeft geschreven. En . .. men zou het niet gelooven, ook Osmin is een stuk van Mozart, want deze Osmin is een hoogst origineele en grappige buffo. Hij is een vermakelijke kwant die van niets droomt als van ophangen enz., die van terechtstellingen houdt als wij van muziek, en die als kenner in dit opzicht moeielijk te voldoen is. Ophangen is niet voldoende, maar eerst aan de paal, dan geworgd, dan opgehangen, dan onthoofd, verbrand en ten laatste in zee geworpen. Hij is een echte sybariet, die ook in de liefde volop wil genieten. Maar hij is oud, doof, verliefd en jaloersch, en dus ook in dit opzicht kan hij niet als een serieusen mededinger van Pedrillo worden beschouwd.

Zulk een figuur moest Mozart wel aanlokken, en met zijn onvergelijkelijk talent van caricatuur-sehildering heeft hij er een pracht-type van weten te maken.

Zelfs aan het slot wanneer allen uitjubelen in de vreugde van de bevrijding der beide gelieven en Osmin beproeft daarmede in te stemmen, valt hij van zelf weer in den toon van hangen, onthoofden, braden en in zee gooien.

Men heeft vaak beweerd dat de rol van den Pascha Selim, die een sprekende is, door den componist aldus is ingericht omdat hij daarvoor geen beschikbare kracht had. Het is zeker dat Mozart bij het componeeren altijd het oog had op bepaalde personen, anders zou hij aan de partij van Osmin niet zulk een buitengewonen omvang hebben gegeven. Doch het wil ons voorkomen dat Mozart daardoor aan de persoonlijkheid van Selim een karakter wilde verleenen, dat geheel buiten de andere personen staat.

Zulk een voorname Pascha met drie paardenstaarten, bravour-aria's te laten zingen, zou hem niet gereleveerd hebben. Hij fungeert niet alleen als de machtigste

Sluiten