Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

322

vreemde komt, hoe gewilliger het publiek is, deze te apprecieeren en toe te juichen. Aan deze eerste reden kunnen de Nederlandsche artisten niets veranderen.

De tweede echter is geheel voor hun rekening n.1.; onzen Nederlandschen ensembles ontbreekt het aan de noodige dicipline.

Het is waar: ongetwijfeld — om bij dit kwartet te blijven — zal een der heeren van het Haagsche ensemble de leiding hebben, maar, alvorens zijn in den vorm van voorzichtige wenken waarschijnlijk, gegoten bevelen, door de anderen worden uitgevoerd, passeeren zij een stilzwijgende kritiek die voor iederen speler een andere interpretatie van 's leiders wenken, tengevolge heeft. Juist het typisch Nederlandsch gebrek om öf mokkend en zonder goeden wil, het gegeven bevel uit te voeren, öf na eenige onverschillige discussie, naar eigen inzichten te wijzigen, maakt het ontstaan van een werkelijk ideaal samenspel onmogelijk.

Den heeren zij aanbevolen eens te beproeven de intentie van één hunner slaafsch na te volgen, om daarna met eigen op- en aanmerkingen te voorschijn te komen. Is men dan wederzijds werkelijk collegiaal gestemd en goed doordrongen van „tout savoir c'est tout pardonner," ik twijfel er niet aan, of de nu al eenige jaren gezochte, maar nog niet verkregen eenheid, zal eindelijk gevonden worden. ISérst, machines en dan menschen; ziedaar een stelregel om tot een artiestiek kwartet te komen, waarin het noodige mechanisme voor technische volkomenheid zorg draagt. Na deze opmerkingen kan ik mij van bespreken deiuitvoering van de beide kwartetten onthouden en alleen toevoegen, dat de noviteit: klavierkwartet van S. van Groningen, zeer gunstig ontvangen en voortreffelijk voorgedragen werd. (Merkwaardig: hier waar de pianist-componist de te imiteeren leiding personifieerde, was de overneming van zijn spel door de heeren Hack, Isterdael en Verhallen meesterlijk. Zou dit niet pleiten voor mijn conclusie dat aan het strijkkwartet een dergelijk overheerschende leider ontbreekt ?) De gunstige ontvangst van het werk, gold ongetwijfeld zoowel den componist als den pianist, beide zijne praestaties waren van hooge waarde. Mocht het kwartet in druk verschijnen, zal het zich ongetwijfeld een goede plaats op het repertoire van vele ensembles verzekeren.

22 Mei gaf „Arion", de wakkere mannenzangvereeniging, onder leiding van den heer Henri Völlmar, een uitvoering voor liefdadige doeleinden. Het financiëele resultaat, gegeven de allertreurigste opkomst van het Leidsche kunstminnend publiek, zal echter wel zoodanig zijn, dat er spoedig een tweede liefdadigheidsconcert plaats moet hebben, maar dan ten bate van de vereeniging. Arion is een — op concoursen —■ meermalen prijsgekroonde vereeniging. Wat zij ons nu gaf waren ten eerste werken die zelden te Leiden te genieten zijn en ten tweede werden deze uitmuntend door het koor vertolkt. Het zal zeer te betreuren zijn, indien het bedroevende financiëele resultaat voor de vereeniging noodlottig blijkt. Het programma was: Requiem voor mannenkoor en orkest. Cherubini, Concert A-moll voor viool en strijkinstrumenten (door Jhr. A. Kappard) J. S. Bach. — Scène aus der Frithjoff Sage — Max Bruch. Solisten: Mej. Corntance Laqueulle ('s-Gravenhage) en Gerard Zalsman (Haarlem). Koorsolo: de heer N. J. B. Koor: de liedertafel Arion. Orkest: Haarlemsch muziekcorps.

20 en 21 Juni gaf ons de vereeniging Orpheus harmonie muziek in voorraad voor een geheele reeks van jaren. Zeven-en-dertig corpsen streden om den gunst der Goden die onder den naam van jury, zich in een stoicynsche kalmte tijdens de oorvervoerende en oorverscheurende praestatiën verheugden en een sereen decorum bewaarden, van het eerste tot het laatste nummer toe.

De uitspraak der jury heeft men in de dagbladen kunnen lezen en zal ongetwijfeld wel evenveel voor- als tegenstanders gevonden hebben. Daar echter een

Sluiten