Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3

SPORT IN BEELD.

PAVILLON „RICHE"

ZANDVOORT

Het gezelligste, voornaamste en meest bezochte etablissement in Zandvoort.

Gedurende de Wintermaanden geopend!!!

Zaterdags en Zondags Thé en Soirée Dansante.

Voor Clubs en Vereenigingen speciale condities.

Zalen voor partijen en vergaderingen beschikbaar.

Eigen wagenpark met permanente bezuaking.

51 i iiniimi i i i i i lllllllllllltllllllllll'llllllllliuirimiimillllllllim lil ; i lu 11 m minui i i i minimum iiillllllimiliil

Wat was de mooiste sport~dag ?

Bovenstaande vraag stelt men nog al eens aan een sportsman. Zoo deed L'Auto het aan Linart. De Belg antwoordde op zeer typische wijze. Het was in 1913 te Leipzig, tijdens de wereldkampioenschappen. De groote Victor behoorde tot de startenden. De pakken der gangmakers waren te gevuld. Men besloot dezen wat te vermageren. Inmiddels stonden nog een viertal reserve-entraineurs opgesteld, even dik als de werkelijke gangmakers éérst, maar de commissarissen besloten aan deze beddedekens, omdat ze toch misschien niet noodig waren, niets te veranderen. Men ging

VERWEEG EN & KOK

AMSTERDAM DEN HAAG

PLAIDS

van honk. Tot den 15den kilometer leidde Linart. Toen zag hij plots — en er was in 't geheel geen reden voor — dat de reservegangmaker van Saldow (Linart noemt dezen renner, maar 't zal wel Scheuermann, in elk geval een Duitscher, zijn geweest) in de baan kwam, en de bewuste stayer achter dezen dikzak kroop. Linart vond de strijd nu ongelijk, wierp zijn valhelm in het gras, en gaf, huilende van woede, den strijd op. Totdat. ... hij bemerkte, dat al die dik-doenerij niets aan het feit wijzigde, dat Guignard den kop nam en aan den kop bleef. Guignard won tenslotte de race voor zijn landgenoot Miquel en als derde, den Duitscher Scheuermann. Kijk — zegt de Belg — dit was mijn beste sport-dag, want het bedrog werd gestraft!

Aanteekeningen over den Pekinese.

Wanneer men het standaard-werk „Hondenrassen" (Niet Jachthonden) van H. A. Graaf van Bylandt er eens op na-slaat, dan komt men tot de overtuiging, dat de eigenlijke naam van den Pekinese „Pekinese Spaniel" is. Het ding — want het is niet meer dan een ding, zij het vaak een kostbaar ding — is dus naar Peking genaamd, en het schijnt een feit te zijn, dat vroeger, toen men nog iets anders deed dan branden en moorden bij de langstaarten, deze diertjes ten zeerste geliefd waren in

de zoo kostelijke Chineesche paleizen.

Van Bylandt noemt den Pekinese een zwaar gebouwd, intelligent dameshondje. De kop moet groot en zeer breed zijn, wijd tusschen de oogen, wijd en vlak tusschen de ooren, terwijl het voorhoofd rimpels dient te vertoonen. De snuit is diep, breed en vierkant. De neus is zwart, kort en breed. Verder dient de onderkaak niet opgewipt te staan, zoaals bij den Japanschen Spaniel het geval is. De oogen zijn groot, donker en glimmend, uitpuilend en ver van elkan^ der geplaatst. De ooren behooren v-vormig te zijn, lang en zijde-achtig behaard. Wat het lichaam betreft, vermeldt de deskundige schrijver, dat dit bij het goede exemplaar zwaar in de voorhand is, wat lichter in de achterhand, laag op de pooten en kort van rug. De pooten zélf zijn kort en zwaar, van dik beendergestel en lang gevederd, terwijl de ellebogen van het lichaam afstaan. De voeten zijn lang en

vlak, naar buiten gedraaid, door het lange haar langer, doch niet breeder toonend. De staart wordt over den rugj|gekruld gedragen, is verder lang behaard met fraaien pluim. De Pekinese heeft overvloedige manen. Het haar is als bij den Schotschen Herdershond lang, met recht boven-haar en dicht onder-haar. Wat de kleuren aangaat, komen diverse tinten voor, o.a. rood, rood-bruin, gestroomd, vaal-rood, chocolade-bruin, zwart en gevlekt. Een zwart masker is zeer gewenscht. Een bepaalde schouder-hoogte heeft deze hond niet; hoe kleiner hij is, hoe beter is deze zonderlinge „canis familiaris" Het gewicht bedraagt van 2 tot 5 K.G.

En nu, dames, maar eens flink uw hondjes nagekeken, nagemeten, en dan maar eens onderling gekibbeld, wie de mooiste Pekinese bezit! Of mooiste? Mooiste dan in z'n genre! Laten we nuchter en eerlijk blijven: aesthetisch-schoon is dit hondenras niet, want het maakt den indruk, dat het.. .. vermaakt is. Een Pekinese heeft vaak, wat physionomie aangaat, meer van een brommend oud heertje dan van een. . hond. Maar dat schenkt hem ook z'n geestig voorkomen. En dat er geestigheid in z'n hersentjes kronkelt, dat weten wij allen. Wij kunnen ons daarom best voorstellen, dat de dames, die verzot zijn op dit Chineesch gewrochtje, van hun snoesjes en snoezen spreken (wij bedoelen den hond). In elk geval is een Pekinese een vreugde in huis. Het beestje is rustig, alleraardigst waaksch, daarbij speelsch, en men kan om het kittig ding lachen als het z'n capriolen danst. En lachen moet men in dit leven!

Sluiten