Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

545

Beethoven had er vermaak in, nu en dan de Fransche taal voor zijn correspondentie te bezigen, doch daarvan kwam meestal weinig terecht. Het blijkt o. a. uit een briefje aan ziju neef Karl. Hij zond hem een brief voor den uitgever Schlesinger en schreef daarbij: „Faites comme vous croyez de cette lettre, de donner ou que non, ce dépend tout a fait de votre intention." En aan den Engelschen toonkunstenaar Charles Neate schreef hij eens, toen deze zich tijdelijk in Weenea bevond: „ Mon cher ami, je vous prie de ne parler pas de ces ceuvres que je vous donnerai pour vous et pour 1'Angleterre; les raisons pour celaje vous dirai sincèrement au bouche" (wil zeggen: mondeling).

Maar om tot Schindler terug te keeren. — Deze was in vele aangelegenheden een groote steun voor Bsethoven; vooral in die van de Missa solemnis.

Beethoven had in Weenen geen ambt en daaruit voortvloeiende inkomsten; hij moest voornamelijk leven van de opbrengst zijner werken. Intusschen had hij, wat dit laatste betreft, niet te klagen. Aan een vriend schrijft hij in den zomer van 1800: „Meine Kompositionen tragen mir viel ein, und ich kann sagen, dass ich mehr Bestellungen habe, als fast möglich ist, dass ich befriedigen kann. Auch habe ich auf jede Sache 6, 7 Verleger, und noch mehr, wenn ich mir's angelegen sein lassen will; man akkordirt nicht mehr mit mir, ich fordere, und man zahlt."

Wat hij van die bestellingen zegt, was volkomen waar; maar zoo glad als hij het in den laatsten zin doet voorkomen, ging het toch niet altijd.

Met sommige muziekuitgevers kon hij tamelijk goed overweg. Bijv. met Hofmeister te Leipzig. Toen deze hem weder eens om nieuwe composities had gevraagd, antwoordde Beethoven daarop, dat hij moest opgeven, welk honorarium hij daarvoor over had. Hofmeister scheen echter niet te willen bieden, althans een maand later (het was in Januari 1801) gaf de meester zelf den prijs voor enkele voltooide composities op en schreef daarbij: „Nun ware also das saure Geschaft vollendet. Ich nenne das so, weil ich wünschte, dass es anders in der Welt sein könnte. Es sollte ein Magazin der Kunst existiren, wo der Künstler seine Kunstwerke nur hinzugeben hatte, um zu nehmen, was er brauchte. So muss man noch ein halber Handelsmann dabei sein, und wie findet man sich darin! Du lieber Gott! das nenn' ich noch einmal sauer!"

Hofmeister was nu nog een muziekuitgever, in wien hij vertrouwen stelde; in het algemeen echter schimpt hij op die gildebroeders, hij noemt hen Höllenhunde. En toch waren de werken van Beethoven bij de voorname uitgevers van Duitschland zeer gewild. Om de uitgave der „Missa solemnis" vochten zij als het ware. Maar Beethoven had andere plannen met dit werk; hij wilde het vooreerst nog niet in druk uitgeven doch, zooals destijds veel de gewoonte was bij de componisten van erkende reputatie, vooraf aan de verschillende Hoven van Europa, aan personen van aanzien en aan muziekvereenigingen ter inteekening aanbieden,

35

Sluiten