Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE DEFENSIE VAN INDIË.

3

»onderzeevaartuig en waarmede hij alle aanvallen op zijn »theoriën tracht af te slaan komt neer op de waarde van dit «vaartuig onder water en bijgevolg op het effect van de torpedo.

»Het onderzeevaartuig verdient intusschen haar naam slechts »voor ongeveer 1/35 van haar capaciteit, daarin ligt haar zwakte ; «tegenover eene werkingssfeer van 2500 m boven water staat »die van 100 m. onder water en aan de oppervlakte is dit «vaartuig met haar matige artilleriebewapening tegenover de «kanonnen van den vijand weerloos. Dat hierin groote ver«andering zal komen is vooreerst niet te verwachten; en wat »de torpedo betreft, deze wordt algemeen beschouwd als nog «verre de mindere te zijn van het projectiel. Vooral een kleine «natie mag niet met speculatie op de toekomst wagen een «uitsluitend onderwatervloot te bouwen, te meer waar onge«twijfeld de kosten belangrijk grooter zullen zijn.«

Toetsen we deze meening aan de resultaten totnutoe in den strijd tusschen Engeland en Duitschland verkregen, dan zien we dat van een „sterker" zijn van het groote oorlogsschip tegenover de onderzeeër nog niets is gebleken. Integendeel, de slagschepen worden niet aan de torpedo gewaagd en blijven buiten bereik van onderzeeërs, juist zooals Sir PERCY SCOTT voorspelde. Oudere kruisers, die vroeger altijd werden genoemd als ruimschoots voldoende om een torpedovloot te bevechten, gaan naar den kelder met slechts één torpedo. Een slagschip als de „Formiclable" wordt in het Kanaal in den grond geboord door een onderzeeboot en zijn de Duitsche berichten juist — en mij dunkt daaraan is bijna niet te twijfelen — dan is ook het slagschip „Bulwark" het slachtoffer geworden van een onderzeeër en zonk in ongelooflijk korten tijd. Duidt dit er op dat de torpedo de „mindere" is van het projectiel? Mogen we nog niet minstens van „evenwaardigheid" spreken?

Zeker, de werkingssfeer en vaart onder water van de onderzeeboot is gering. De vraag is echter maar of ze te gering is. Men mag toch niet vergeten, dat we, om het zoo eens uit te drukken, alleen in de tactiek met de onderwatervaart en -werkingssfeer hebben te maken; strategisch hebben we hen niet noodig. Ik erken gaarne dat eene vergrooting van die werkingssfeer en vaart eene waardevolle verbetering van de onderzeeboot met zich zou brengen, maar het feit, dat voor zoover mij bekend is, in de Noordzee nog geen onderzeeër bovenwater varende is buiten gevecht gesteld, zou toch tot de veronderstelling mogen leiden dat ze thans reeds voldoende zijn.

Ten slotte zegt de Redactie:

Sluiten