Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

22 TREFKANSBEREKENING.

in hoogte. Hoe kleiner dus de invalshoek, des te kleiner zullen ook deze afwijkingen in hoogte zijn. De trefkans zvordt grooter naarmate de invalshoeken kleiner zijn.

De invalshoek kan kleiner worden gemaakt door vergrooting van de metaalbelasting van het projectiel en door vergrooting van de aanvankelijke snelheid. De metaalbelasting bij een bepaald kaliber en de aanvankelijke snelheid zijn aan grenzen gebonden, waar boven men niet gaan kan; de metaalbelasting kan echter worden vergroot door tot grooter kaliber over te gaan, waardoor bovendien nog het voordeel wordt verkregen, dat de invloed der uitwendige omstandigheden op de afwijkingen geringer wordt.

De projectielvorm oefent ook invloed uit op den invalshoek; hierin zijn echter betrekkelijk weinig veranderingen te brengen.

Uit hetgeen boven is medegedeeld, kan de gevolgtrekking worden gemaakt, dat bij een zekeren invalshoek de trefkans een maximum zal zijn.

Dit kan ook uit de volgende beschouwing worden afgeleid.

Zij in de figuur AB = H de n hoogte van het doel, BC = L de

lengte daarvan, 8 de invalshoek, zoo wordt de totale hoogte van het doel

AD = AB 4- BC tg. 8 = H 4- L tg. 8. Neemt men nu aan, dat het gemiddelde trefpunt M is gelegen op de helft van deze totale hoogte, dan zal bij hoogte-afwijkingen van

+ of — V» (H + L tg. 8) nog een treffer verkregen worden. Noemt men verder a de middelbare afwijking in hoogte tengevolge van de fouten van het richten, A tg. 8 de middelbare afwijking in hoogte tengevolge van de fouten in afstandmeting en laat men de afwijkingen tengevolge van het kanon en van de munitie buiten beschouwing, dan is de resulteerende middelbare afwijking:

\y (a2 4- A2 tg.2 8).

De trefkans in hoogte wordt dan voorgesteld door ■

l/2-7f:(a24-A2tg.28)i_i(H + Ltg^)e

Sluiten