is toegevoegd aan uw favorieten.

Caecilia; algemeen muzikaal tijdschrift van Nederland jrg 18, 1861, no 3, 01-02-1861

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HUr«l)t, 1 ftbxmxij 1861.

^Lljitunïr* Jaargang. 3.

ALGEMEEN MUZIKAAL TIJDSCHRIFT

VAN

NEDERLAND.

IS innen lan tlx v h f; en JBuitenlandsche Correspondemtem

De HH. J. G. BASTIAANS, C. F. BECKER, J. C. BOERS, F. BRENDEL, FRANS COENEN, J. A. VAN EYKEN, G. J. VAN EYKEN, GUST. FLÜGEL, ALBERT HAHN, RICHARD HOL, J. C. LOBE, MATINO, PHILOKALES, A. G. R1TTER, WILHELMUS SMITS, ALOYS SCHMITT, J. WIEGAND en vele anderen. Redacteur: Dr. F. C. KIST.

De GE ABONNEER DEN zullen den eersten en vijftienden van iedere maand een nommer (minstens een vel druks) van dit Tijdschrift ontvangen. Afzonderlijke Nos. zijn niet verkrijgbaar.

Verhandelingen , Biographiin, Beoordeelingen, Binnenlandsche en Buitenlandsche Berigten, Feuilleton en mededeeliny van nieuw uitgekomen Muzijkwerken, tullen den inhoud van het Tijdschrift uitmaken.

Men ABONNEERT zich bij eiken soliden Boek- en Muzijkhandelaar en aan alle Postkantoren tegen den prijs van: Geh. jaar f 6.00 , franco per post f 7.00 Halfjaar. » 3.50, «■ » „ 4 00

Advertmtiè'n worden geplaatst tegen 20 Cents de regel en 35 Cents zegelgeld.

Met uitzondering van de gewone Correspondenten zij de inzending franco onder adres van de Uitgevers of van den Boekh. J. Noordendorp te Amsterdam.

B EOOKDEELIBfG,

Fritz Spindler, Op. 14. Klange ans schoner Zeit,

Clavier-stück. Pr. ƒ 0 90. C. K. Marx, Op. 6. Ballade pour le Piano. Pr. ƒ 0.80. «F. Albcrt Paoher, Op. 18. Grace el coquetterie,

Morceau de salon pour Piano. Pr. f 0 90. Eugcne Monlol , Op. 47. Rêverie, Etude brillante

pour le Piano. Pr. ƒ 0.90. H. F. Speer, Op. 1. Nocturne elegant pour le Piano.

Pr. ƒ 0.90.

(Allen uitgegeven bij F. J. Weygand & Co. Haag).

Deze stukken belmoren onder een rubriek, waaraan tegenwoordig zeer geofferd wordt; salonstukken, waarvan ©ogenschijnlijk liet hoofddoel is, de eene of andere jonge dame gelegenheid te geven hier of daar op een soiréetje iets te kunnen spelen , waarmede zij , zonder van het nadenken der toehoorders te veel te vergen, effect maakt. Daarom kunnen zulke stukjes toch wel beter dan plat zijn, zoo als inen er een paar onder de opgegeven aantreft. B. v. Klange aas schoner Zeit, van Spindler, en de ballade van Marx , zijn waardig meer in hel bijzonder de aandacht le trekken. Hel eerste, zonder diep gevoeld te zijn , geefl ons eene gezonde en natuurlijke melodie, die zich binnen bescheiden, maar aangename vormen houdt. Het tweede treedt met meer pretentie op, en is eene belang opwekkende compositie. Jammer is het, dat de onderdeden (al heet het ook «Ballade") niet

een weinig meer in verband lot elkander staan. Het begint in As-dur, maar naauwelijks is het eerste motief gehoord of men bevindt zich met eene nieuwe melodie in E-dur; echter ook maar kort, want dadelijk gaat men door C-dur naar A-mol , wal zich terstond in A-dur verandert Dit duurt echter ook geen 12 maten of men bevindt zich in Des-dur en al weder met een nieuw motief. Hierna komt het eerste motief in As dur terug, en dil geeft, na zoo rondgezworven te hebben, eene aangename rust. Ik moet hier de opmerking bijvoegen, dat ook de verschillende motieven tot elkander in geene betrekking staan. Toch , wanneer het stuk , dat een geoefend speler verlangt, goed uitgevoerd wordt, zoo zal het ongetwijfeld een gunstigen indruk nalaten , daar de gedachten sprekend en frisch zijn. — Het succes van het Morceau de salon Grace et coquetterie, van Pacher, hangt geheel en al van verfijnde voordragt af. 't Is waar, dergelijke melodiën hooit men tegenwoordig dikwijls, maar maakt men hier de trillertjes en fiorituurtjes met zeker »savoir faire," dan is het met regt een effeclstukje. De cadence, die er in komt, schaadt aan 't geheel , dewijl die een zeer geraffineerde salonspeler moet voordragen om niet leelijk gevonden te worden. — In de Rêverie van Moniot, eene imitatie van de bekende Rêverie van Rosellen, valt niets te prijzen, tenzij men het als studie eenige nuttigheid wil toekennen. — »Une Pcncée," van Speer, is als een op. 1 te roemen. Het motief is wel niet zeer frisch, maar het is bevallig en de uitvoering natuurlijk. — De uitgave van deze stukken is zeer te roemen , vooral de duidelijkheid in die van Spindler, Pacher en Speer.