is toegevoegd aan uw favorieten.

Marineblad jrg 54, 1939, no 10

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Moderne Infanterie-wapens

een verrassenden, snel verloopenden massa-aanval na en vroeg ook om lichtere tanks dan de zware types der laatste oorlogsjaren 1917 en 1918 Het niet-automatische antipantsergeschut had echter onvoldoende vuursnelheid om zulk een aanstormende zwerm tanks me succes te bestrijden. Ook was een dichte opstelling in groot aantal van het altijd nog vrij zichtbare en kwetsbare 37 of 47 mm antitankkanon niet mogelijk en moest dit, zooals reeds gezegd, ver achter de voorste lijn blijven. Om deze redenen vroeg men om een automatisch wapen met zeer geringe zichtbaarheid, d.w.z. kleine vuurhoogte en bij voorkeur geen mondingsvuur tijdens het schieten, welk wapen tevens voldoend pantserdoorborend vermogen moest hebben.

De firma Madsen verwezenlijkte deze wenschen met haar 20 mm .Madsen automatisch kanon. Dit wapen heeft de volgen«*f 8'8™« de lengte is 1824 mm, het gewicht zonder af uit 53 kg, het gewicht van de pantsergranaat is 0..143 kg, terwijl het pantserdoorborendvermogen blijkt uit het volgende: op 1000 m doorslaat de pantsergranaat 22 mm,

600 " 30 " en

" 200 " „ 30 „ staal met een

Brinellhardheid van 450: hierdoor zijn ongeveer 90 % der bestaande vechtwagens op ongeveer 250 m afstand kwetsbaar. Een magazijn met 15 patronen weegt 8,5 kg. De theoretische vuursnelheid «300 per minuut, practisch bedraagt zij 150 schoten per minuut. Het wapen is gemonteerd op een lichte veldaffuit met of zonder raderen. Zonder raderen heeft deze affuit een gewicht van 30 kg en is de vuurhoogte 35 cm. Op deze wijze opgesteld is het zeer lastig dut kanon te onderscheiden van een in stelling staander, lichten mitradleur (zie figuur 10 en figuur 5). Dit en de eigenschap van de 20 mm, tijdens het vuren hoegenaamd geen mondingsvuur te vertoonen maken het een aanvallende afdeeling vechtwagens ^^°™°^n lijk de opstellingsplaatsen van de antitankkanonnen te ve kennenen deze wapens te bestrijden. Naast het voordeel van een zeer: groote vuursnelheid en een uiterst geringe vuurhoogte komt dus nog het voordeel van groote maskeeringsmogelijkheden.

De lichte veldaffuit met raderen weeg 45 kg. Ook vanaf de raderen is het vuren mogelijk; de vuurhoogte bedraagt dan 42 cm (zie

figuur 11). . 1 u -1

Naast het vuren op pantserdoelen is het wapen zeer goed bruikbaar ter bestrijding van luchtdoelen. Hiertoe wordt het op een z^g. universaalaffuit gemonteerd (zie figuur 14). Vanaf deze affuit is het vuren op gronddoelen zoowel als op luchtdoelen mogelijk. Ook bij deze universaalaffuit kan zoowel mèt als zonder afgenomen raderen

1213