is toegevoegd aan uw favorieten.

De ingenieur; Orgaan der Vereeniging van Burgerlijke Ingenieurs jrg 7, 1892, no 47, 19-11-1892

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

492

niet rationeel om aan een uniform tractement voorlederen rang vast te houden, indien het aantal ingenieurs in elke klasse onveranderlijk is.

Toestemmende dat aan den eenen kant 's Lands belang vordert ook in dit opzicht geen overdreven eischen te stellen, is aan de andere zijde de onbillijkheid van de vigeerende regeling door het bovenstaande voldoende in het licht gesteld. Ten overvloede halen wij nog aan, dat de in 1881 en '82 benoemde adspirantingenieurs allen 5 a 6 jaar in dien rang hebben gediend, terwijl de adspirant-ingenieurs, die van 1 Juli 1887 tot 16 Mei 1890 werden benoemd, reeds na 1/2 a ruim 2 jaar tot een hoogeren rang opklommen,

Ten einde aan deze bezwaren tegemoet te komen, zou het noodig in het traktement voor de rangen beneden dien van hoofdingenieur zekere speling toe laten met behoud van het tegenwoordige traktement als minimum, in navolging van hetgeen bij het korps ingenieurs der Marine plaats vindt, of wel om tijdelijk het aantal ingenieurs in de drie klassen te veranderen.

Het eerste middel schijnt de voorkeur te verdienen; bij vele andere takken van dienst wordt het systeem aangetroffen. Veranderlijke sterkte van de drie klassen van ingenieurs baat bovendien eventueel de adspirant-ingenieurs niet.

Wanneer de wisselvallige kansen der promotie en gelijke of wellicht betere bezoldiging elders oorzaak zijn, dat de besten uit Delft zich niet aan een onzekere mededinging wagen, doch eene plaatsing trachten te bekomen, hetzij in Indië, hetzij bij de groote spoorwegmaatschappijen, hetzij elders, dan achten wij daardoor de toekomst van het korps meer in de waagschaal gesteld dan door het wellicht minder rationeele systeem van aanvulling.

Men bedenke, dat op den duur niet de meest geschikten zich zullen aanmelden alleen ter wille van de eer om in het korps te dienen!

Wij hopen, dat aan Regeering en Volksvertegenwoordiging de eer en de goede naam van het korps genoegzaam ter harte gaan om te zorgen, dat de leden van het korps maatschappelijk de positie kunnen innemen, die hun toekomt.

Het waken voor den naam van het korps zal dan bij de leden zelve in veilige handen zijn!

Practicus.

Maatschappij tot bevordering der Bouwkunst.

Zaterdag 12 Nov. zag Groningen verschillende «Hollanders» binnen hare veste. De Mij. t. bev. der Bouwkunst hield aldaar haar Septembervergadering — in verband met de cholera een November-vergadering geworden. Deze verschuiving was oorzaak, dat niet zoovelen waren opgekomen als in den zomer zich opgewekt zouden gevoeld hebben tot een bezoek aan deze, ook architectonisch zoo interessante stad.

In de «Harmonie» ontvangen door de Groningsche afdeeling trok in de eerste plaats de sierlijke wanddecoratie de aandacht, waarvan een zeer fraai schilderstuk van den heer Bach het pièce de résistance vormde: een meer dan levensgroot vrouwenfiguur met streng maar edel gelaat, stelt haar voor die volgens Van Lennep «de eerrang voegt in aller kunsten rij». Ook de photographiën van gebouwen uit Stad en Lande van Groningen werden met groote belangstelling bezichtigd.

De vergadering werd gepresideerd door den heer Van Malsen uit Den Haag, als oudste lid van het Hoofdbestuur, daar de heeren C. Muijsken en J. B. De Kruijf, resp. voorzitter en vice-voorzitter door ziekte verhinderd waren.

Na de gewone plechtigheden werden allereerst de praeadviezen op de gestelde vragen behandeld.

Zooals bekend is, stelt het Hoofdbestuur jaarlijks een aantal vragen over onderwerpen in verband met de bouwkunde; deze worden des winters in de afdeelingen behandeld en naar aanleiding van daaromtrent ingekomen rapporten brengen de verschillende leden van het Hoofdbestuur praeadviezen uit. Ditmaal waren er tien vragen betreffende : invloed archaeologie op architectuur; protestantsche kerkbouw, verwarming en ventilatie; assurantie van in aanbouw zijnde werken; bestratingsmateriaal, creosoteeren, Ned. en buitenlandsch zink, bijtsen van eikenhout, metselen met suiker, stroop, roggebloem enz., onderhoud parketvloeren.

De bestuursleden hadden het voorrecht al hunne conclusiën aangenomen te zien; bij de assurantie met de toevoeging dat ook de gereedschappen der werklieden door den aannemer moeten verzekerd worden.

Het langst werd nog stil gestaan bij het creosoteeren, naar aanleiding van ingekomen brieven van de heeren Mirandolle en Van de Weijden. Waar eerstgenoemde het hout meent te kunnen doen bewerken na de creosoteering, mits men op de verbindingen enz. in daarvoor gemaakte gaatjes de creosoot laat vloeien, bleek de vergadering het eens met den heer Van Malsen, die betoogde dat deze handelwijze geheel in strijd was met de groote voorzorgen bij het creosoteeren genomen en bewerking aan de creosoteering wenschte te doen voorafgaan.

Nadat de vergadering zich met alle praeadviezen had vereenigd, ontving de heer D. Ji. C. Knuttel het woord ter inleiding van het

mderwerp : «scheidsgerechten)), waarvan de inleider een warm voor;tander bleek te zijn. »Gij allen, M. H., hebt wel ondervonden hoe icht op een werk quaesties kunnen ontstaan. Niet dat gij, als architect te veeleischend waart of als aannemer u aan uwe verplichtingen vilde onttrekken, maar uw wederpartij was dikwijls onredelijk, of een nhalige bouwheer bracht de overeenstemming tusschen architect en lannemer in den war." In zulke gevallen moet een van beiden toegeven en dit zal in den regel de aannemer zijn, daar de bepaling, dat iet recht van uitlegging aan de directie verblijft, reeds den aannemer reelal in een mindere positie stelt; daar komt nog bij dat gewoonlijk n bestekken en voorschriften bepalingen zijn opgenomen, de nietjpvolging waarvan nietigheid van eischen kan tengevolge hebben. Daar nu op de werken gewoonlijk aan al die bepalingen niet zoo streng de hand wordt gehouden, is de aannemer nagenoeg zeker dat hij voor ien gewonen rechter in het ongelijk zou worden gesteld. Geheel iets anders is het voor den buitengewonen rechter, die uitspraak kan doen naar billijkheid en gezond verstand — redenen genoeg waarom de scheidsman hier boven den gewonen rechter moet verkozen, waar nog bij komt de mindere kosten en het mindere tijdverlies.

Toch kost een geding van scheidslieden nog meer tijd en geld dan ap werken veelal daarvoor beschikbaar zijn. In alle gevallen, waar de wet dit veroorlooft, raadde de inleider dan ook de uitspraak door deskundigen in plaats door scheidslieden aan. Het verschil voor metjuristen eenigszins moeilijk, werd toegelicht, vooral met het oog op het minder of meer bindende van de uitspraak. Aangeraden werd voor technische geschillen den deskundige, bij quaesties over uitlegging van het contract scheidslieden te doen rechtspreken. De heer Knuttel wees op het belangrijk besluit der Regeering om in de 3 Sept. 11. vastgestelde Alg. Voorschriften den aannemer het recht te geven in verschillende gevallen uitspraak van deskundigen in te roepen; deze daad van rechtvaardigheid meende de heer K. vooral belangrijk waar de Rijks A. V. veelal in bestekken worden toepasselijk verklaard en bij zoovele administreerende colleges de billijkheid tegenover den aannemer ver te zoeken is. Natuurlijk wees de inleider er op hoe aan deze bepaling der Rijks A. V. een uitvoerige regeling van het scheidsgericht was opgenomen in de «Algemeene administratieve voorschriften» der Vereeniging van Burgerlijke Ingenieurs en toen uit de discussie bleek, dat het verschil tusschen deskundigen en scheidslieden door sommigen niet voldoende begrepen werd en de vergadering niet afkeerig was er meer van te weten, gaf hij een uitvoerige toelichting van de regeling in de A. A. V.

De uitslag was dat de vergadering met algemeene stemmen de wenschelijkheid uitsprak, in bestekken en contracten de bepaling op te nemen dat voorkomende geschillen aan de uitspraak van deskundigen en scheidslieden zullen worden onderworpen in alle gevallen waarin de wet dit veroorlooft.

De Voorzitter sprak den wensch uit, dat de leden der Maatschappij zouden toonen dat het hun ernst is met deze uitspraak en dienovereenkomstig handelen. Mochten zij daarbij een handleiding noodig hebben, zoo wees hij nogmaals op de A. A. V., waarin deze zaak zoo zorgvuldig geregeld was en alleen de uitsluiting van ongediplomeerden als buitengewone rechters hem verkeerd voorkwam.

Hierna kwam aan de orde de belangrijke vraag van den dag: minimum loon en maximum werktijd, uitstekend ingeleid door den heer Van Malsen, in hoofdzaak naar aanleiding van de betreffende motie aangenomen op het Congres van Bouwkunst in Mei 11., waarin o.a. de wenschelijkheid van zelfstandig optreden van ingenieur en den werkman was uitgesproken.

De inleider wees er op hoe alles wordt gedaan om den besteder goed werk te verzekeren — alleen om het levend materiaal wordt niet gedacht. Toch is het in het hoogste belang zoowel van den werkman zelf als van het werk, dat dit onderwerp geregeld wordt. Het moet te doen zijn om den besten werkman zoowel als om het beste materiaal, en deze is niet te verkrijgen wanneer te veel van de menschelijke krachten gevergd wordt en een te gering loon een deprimeerende invloed uitoefent.

Spreker toonde aan hoe juist de architect en ingenieur de aangewezen personen waren tot regeling dezer zaak. Zij maken wetten die slechts korten tijd en voor een bepaald werk van kracht zijn, welke derhalve telkens kunnen herzien en verbeterd, naar de opgedane ondervinding. Met warmte drong de inleider op de invoering aan, niet van een bepaald maximum en minimum, waarvan hij een ernstig tegenstander bleek te zijn, maar van een regeling naar ieders inzichten en omstandigheden.

Gedurende de discussie toonde de inleider aan, dat de controle volstrekt geen bijzondere bezwaren voor de directie schiep, dat bij aanplakking der betreffende bepalingen aan de keet, de werkman zeh controle gaat uitoefenen; dat ook het vaak geopperde bezwaar omtrent de verschillende bekwaamheden der werklieden gemakkelijk ondervangen kan worden. Ten slotte werd met nagenoeg algemeene stemmen de volgende motie aangenomen: «De vergadering is van oordeel dat het nuttig en plichtmatig is, in de bestekken bepalingen op te nemen welke den duur van den werkdag en de prijs van het loon regelen.v

Hierna gaf de heer Wolter uit Amersfoort een helder overzicht van de verwarming en ventilatie der Ho.rmonie, naar zijn plannen gemaakt, een overzicht, dienende om een bezichtiging dier inrichting vruchtdragender te maken.