is toegevoegd aan uw favorieten.

Marineblad jrg 55, 1940, no 5

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Marineblad

Artikel 12, interneering van aangespoeld of aangebracht oorlogsmateriaal, is een vastlegging van de Nederlandsche practijk in den wereldoorlog.

Artikel 18 verbiedt de middellijke hulpverleening aan een oorlogvoerende. Het is een nadere uitwerking van het artikel 5 van het zeeonzijdigheidsverdrag, dat het gebruik van het neutrale gebied tot operatiebasis verbiedt. Door artikel 18 wordt met name verboden, het gereedhouden van tankschepen, welke dan buiten de territoriale wateren hun brandstof aan de belligerente zeestrijdkrachten zouden kunnen overgeven. Daardoor toch wordt door de oorlogvoerenden een veilige en zekere manier van bevoorrading verkregen, waardoor de bepalingen van artikel 10 der neutraliteitsproclamatie illusoir zouden worden. Bij het strenge standpunt: geen directe brandstofvoorziening, is art. 18, het voorkomen van indirecte bevoorrading, noodig.

Artikel 19 sluit zich aan bij artikel 46 J.C.; zie verder punt 19.

Artikel 20 is een practisch letterlijke vertaling van art. 47 J.C.; het dient om het doen van waarnemingen, daarbij misbruik makende van het neutrale gebied, te voorkomen.

Artikelen 21 en 22 sluiten zich aan bij de artikelen 3, 4 en 5 J.C.

Zoowel door vaste- als mobiele stations wordt het uitzenden van inlichtingen e.d. verboden. Voor schepen is het gebruik van hun radiostation — met eenige uitzonderingen — geheel verboden, daar zij door hun bewegelijkheid zeer gemakkelijk aan controle kunnen ontsnappen. Het verbod geldt voor alle schepen, ook handelsschepen. Hoewel het uit den tekst van art. 22 niet blijkt, zal men n.m.m. moeten aannemen, dat dit verbod slechts voor belligerente handels- en oorlogsschepen geldt.

Zooals men uit de laatste artikelen bemerkt, heeft ook Nederland de ontwerpregelen der J.C. van 1923 voorzoover deze neutrale staten betreffen, voor een groot deel tot de hare gemaakt.

Wat betreft de practijkgevallen in den Spaanschen burgeroorlog en in het conflict tusschen China en Japan nog het volgende:

M.i. kan men uit den Spaanschen oorlog geen conclusies trekken voor de ontwikkeling van de XlIIe conventie. Voor Italië en Duitschland was Franco de eenige wettige Regeering en was levering van oorlogsmateriaal aan hem dus niet in strijd met artikel 6 der conventie; bij toekennen van belligerente rechten aan beide partijen, zou dit zeker volkomen in strijd met neutraliteit zijn geweest. Zoo zijn één of meer hulpkruisers van Franco door de fascistische landen uitgerust, in strijd met artikel 18 en artikel 8. Dergelijk optreden van Engeland in den Amerikaanschen secessieoorlog heeft het bekende Alabama-incident geschapen. Dit werd bij het verdrag van Washington van 8 Mei 1871 aan een scheidsgerecht ter beslissing opge-

628