is toegevoegd aan uw favorieten.

Marineblad jrg 55, 1940, no 7

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

fi-*A feu*-, i-i^A. ( H(A <fab**-+<~, A^-y ^f*- *3L~f^

dat deze branden door menschelijke wezens werden veroorzaakt; zelfontbranding lijkt mij echter lang niet uitgesloten, daar er geen enkel mensch permanent zijn woonplaats heeft in de Savanne en ik den ƒ indruk kreeg, dat deze branden periodiek zijn.

/ Eenige dagen na onze intree in de savanne ontstond er brand ten

gevolge van onvoorzichtigheid van onze arbeiders en nadien was het vuur niet meer te stuiten en brandde de savanne twee maanden lang! Deze branden zijn echter zeer oppervlakkig; met groote snelheid rolt de loeiende band van vuur met den oostenwind in den rug over de heuvels; springt over natte zwampen (moerassen) en kleine beekjes heen; een doode palm wordt een fontein van vuur, maar de levende boomen en palmen worden slechts aan den voet geblakerd en vertoonen dikwijls de sporen van vorige branden. Die eerste weken in de savanne gaven de branden groote onrust. In het vallende duister was het somtijds als een wondermooie droom, de heuvels omzoomd door franjes van goudrood vuur; maar reeds in het tweede savannekamp werd het vuur dreigend en vluchtte ik 's avonds met mijn kostbare instrumenten over de vier meter breede Sipaliwini; aan de overzijde werd door de arbeiders vlug mijn tent gespannen; zij zeiven gaven de voorkeur aan tegenvuur geven, waarmede zij in een oogenblik hun kampjes hadden geïsoleerd. Een half uur later was de brand bij ons, maar de arbeiderskampjes doorstonden de vuurproef schitterend; vanaf de overzijde van de beek had ik in spanning naar het schouwspel staan kijken. Dit systeem van tegenbranden werd later geregeld toegepast, wanneer een nieuwe kampplaats werd betrokken; in een wijden kring rond onze nieuwe tijdelijke woonplaats werd het gras afgebrand en door slaan met groote blaren van den Mauriesiepalm werd het vuur weer gedoofd.

Ongeveer zestig kilometer zooals de vogel vliegt, van ons vandaan, hadden admiraal Kayser en Van Straelen hun kamp. Met verbazing zagen zij op een dag tusschen het dichte bladerdak van het oerwoud grijze asch nederdalen.

Een half jaar later, toen wij allen weer vereenigd waren, werd de oorzaak van dit wonderlijk manna eerst opgelost.

Het geleek een wonder zoo snel als de natuur zich herstelde en herboren werd; op plaatsen waar vier dagen eerder de brand woedde, staken heldergroen de jonge grassprietjes uit de grauwwitte asch omhoog; nog weinige dagen later bloeide het weer overal. De bloemenpracht is een der voornaamste aantrekkelijkheden van de savanne!

In de moerassige dalen, waar een dichte vegetatie van struiken en klimplanten het doordringen soms zeer bemoeilijkte, was de botanische oogst van den dokter meestal het grootst. Overzichtelijker en schooner voor het oog waren echter dikwijls de grashellingen, waar op den toch zoo onvruchtbaar schijnenden zand- en steenbodem de heerlijkste bloemen bloeiden; duizenden heesters met paarse bloemtrossen — een vlinderbloemige — bedekten hier en daar de heuvels, terwijl tusschen kolossale granietblokken magere verwrongen boompjes tusschen hun

830