is toegevoegd aan je favorieten.

De ingenieur; weekblad gewijd aan de techniek en de economie van openbare werken en nijverheid jrg 6, 1891, no 5, 31-01-1891

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE INGENIEUR

Orgaan

6e Jaargang.

VEREENIGING VAN BURGERLIJKE INGENIEURS.

41

1891. - 12 5.

WbbUM ÊBWijfl aai ie toeknik ei in cbtoié van Optoe Wete m KliwrMfl.

Prijs per Jaargang:

Franco per post.

Voor Nederland / 8-

Voor het Buitenland met vooruitbetaling .... 10.50 Voor leden der Vereeniging van Burgerlijke Ingenieurs

worden bovenstaande prijzen met ƒ 2.— verminderd. Men abonneert zich voor een jaargang. Over liet bedrag der abonnementen in Nederland

wordt halfjaarlijks door de Administratie beschikt. Afzonderlijke nummers 20 cents. — Bewijsnummers

10 cents.

Verschijnt eiken Zaterdag.

Abonnementen, stukken en mededeelingen, boeken brochures, enz. te richten aan de liedactie: Barentszstraat No. 51, te 's-Gravenhage.

Advertentién uiterlijk Vrijdags 12 ure des voormiddags intezenden aan de Administratie: Gebk. Belinfante, voorh.: A. D. Schinkel, Paveljoensgracht No. 19, te 's-Gravenhage.

's-Gravenhage, 31 Januari.

Prijs der Aavertentiëu-

Per regel . . . .' / 0.25

Groote letters naar plaatsruimte.

Abonnementen volgens afzonderlijke overeenkomst.

Bij eene eerste plaatsing van annonces voor Aanbestedingen is de prijs per regel ƒ0.15; bij eene tweede en meerdere plaatsing van dezelfde annonce ƒ 0.10.

Bij abonnement op Advertentién wordt het blad gratis toegezonden.

Verantwoordelijk Redacteur: E. H. Stieltjes, Civ.-Ing., 's-Gravenhage.

INHOUD.

Bericht. — Iets over het onderzoek naar het strijken en invallen der diepere aardlagen in boorputten. — Dit de enquête in Twente (vervolg). — Ingezonden stukken : De kosten van den Eotterdamschen Waterweg; De opleiding der civiel-ingenieurs. — Uit het verslag van den Raad van Toezicht op de spoorwegdiensten over het jaar 188!) — Kleine mededeelingen : Spoorwegbouw in Chili. — Weerkundige waarnemingen. — Kivierberichten. — Binnen-en Buitenlandsohe Berichten. — Benoemingen, Verplaatsingen, enz. — Open Betrekkingen.

Vereeniging van Burgerlijke Ingenieurs.

Het Bestuur heeft de eer mede te deelen:

1°. dat de heer E. H. STIELTJES op dringende en herhaalde uitnoodiging, zijne aanvrage om ontslag als Redacteur van „De Ingenieur" heeft ingetrokken;

2°. dat tijdens een verlof van enkele maanden, met ingang van 1 Februari e.k. aan den Redacteur verleend, de heer L. E. ASSER zich welwillend bereid heeft verklaard, zijne plaats te vervullen;

3°. dat de Commissie van Redactie thans is samengesteld uit de heeren :

J. M. TELDERS, J. D. EVERS, L. E. ASSER.

Namens het Bestuur, 's-Gravenhage, J- VAN DER VEGT, Voorzitter.

30 Januari 1891. C. LELY, Secretaris.

Iets over het onderzoek naar het strijken en invallen der diepere aardlagen in boorputten.

efc£_™gsekend is de wijze waarop het strijken en invallen der .M aardlagen aan de oppervlakte, in steengroeven en mijnMfflrgj gangen, met behulp van boussole en hellingmeter of 4fe?r=ü^% van theodoliet gemeten wordt.

Wanneer men door middel van putboringen een onderzoek naar de aanwezigheid van delfstoffen instelt en het geluk heeft bijv. een steenkoolbedding aan te treffen, dan is het met 't oog op een eventueele ontginning van het grootste belang, het strijken en invallen dier laag te kunnen bepalen.

Eertijds was dit slechts mogelijk door drie grondboringen, welke tot op de bedoelde laag reikten.

Teneinde het vraagstuk door construeeren te kunnen oplossen, moesten de coördinaten der een driehoek vormende hoorplaatsen, alsmede het azimuth van een der zijden bekend zijn, de hoekpunten door een waterpassing met elkander verbonden en de diepte der laag beneden de oppervlakte of het gemeenschappelijk niveau in de boorputten gemeten worden.

Doch niettegenstaande de groote kosten, was deze wijze van meten, vooral aanvankelijk, verre van nauwkeurig. Het gesteente toch werd door den trepaan tot gruis verbrijzeld en na eenigen

re Vereeniging vaB Burgerlijke Ingenieurs stelt zien in geenen deele verantwoordelijk voor de denkbeelden in de onderscheidene bijdragen ontwiMd ol toegelicM.

tijd als boorslib door den ruimcylinder opgehaald. Dat uit dergelijke monsters, welke veelal door het afbrokkelen der wanden van het boorgat verontreinigd en met het gruis van andere gesteenten vermengd worden, bezwaarlijk de juiste ligging eener bedding kan worden vastgesteld, behoeft geen verder betoog.

Een groote verbetering onderging de methode, toen onder aanwending van een zoogenaamde kernboor het gesteente in cylindervormige stukken onveranderd uit de diepte werd opgehaald.

Toen echter begon men ook naar middelen te zoeken om door ééne grondboring het gewenschte doel te bereiken.

Dit was alleen uitvoerbaar wanneer de ligging van de steenen kern in het boorgat nauwkeurig bepaald kon worden en men haar derhalve aan de oppervlakte weder dienzelfden stand kon doen innemen. Gelukte dit, dan was men in staat gesteld het gesteente als een aan de oppervlakte voorkomende laag te behandelen. Alle systemen berusten dan ook op dit stelsel.

Mochten de instrumenten in den beginne ook onvolledig zijn, spoedig hebben zij een dusdanige verbetering ondergaan, dat thans volgens de nieuwe methode het strijken en vallen deilagen niet alleen voor 1j3 van den vroegeren prijs, doch tevens met de grootst mogelijke nauwkeurigheid kan gemeten worden.

In de volgende regelen stellen wij ons voor, eenige dier instrumenten te behandelen.

Instrumenten ter bepaling van het strijken en invallen der aardlagen in boorputten. I. Systeem Lubisch.

Het instrument bestaat uit een ring van gegoten staal, welke aan de binnenzijde van een elastischen tand voorzien is.

Alvorens het onderzoek in te stellen wordt door middel van een holle boor (Kernbohrer, Diamantbohrkrone of Stahlkrone) een kern van c. a. 30 cM. lengte geboord, welke echter niet door een kernbreker wordt afgebroken en opgehaald, doch in het boorgat staan blijft. Na dit laatste met een geschikten ruimcylinder van boorslib gereinigd te hebben, wordt het instrument, dat natuurlijk nauwkeurig in de ruimte tusschen de kern en den wand van den boorput passen moet, aan de boorstangen naar beneden gelaten en daarmede op de steenen kern een vertikale streep gekrast.

Ten einde de plaats dezer inkeping aan de oppervlakte door een paar verkenmerken te kunnen vastleggen, moet er op gelet worden, dat de boorstangen bij het neerlaten van het toestel noch in haar geheel, noch ten opzichte van elkander draaien.

Met het oog op de onderlinge beweging der boorijzers, zijn alle verbindingen door een fijn ingekrast lijntje gemarkeerd, zoodat men zelfs de kleinste verdraaiing der schroeven kan nagaan.

Zijn deze werkzaamheden nauwkeurig verricht, dan kan, nadat de kern door een kernbreker afgebroken en naar boven gebracht is, door een vergelijking van de ingekraste vertikale streep met de verkenmerken op den bodem, de juiste ligging van den steenen cylinder in den boorput bepaald en het strijken en vallen der laag op de gewone wijze vastgesteld worden.

Het instrument komt in gebruik zoodra de losse en zachte lagen doorboord en de vaste steenlagen bereikt zijn en is uitsluitend geschikt voor geringe diepten, aangezien naar mate de

sluitend geschikt voor geringe diepten, aangezien naar mate de