is toegevoegd aan uw favorieten.

De ingenieur; weekblad gewijd aan de techniek en de economie van openbare werken en nijverheid jrg 12, 1897, no 13, 27-03-1897

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

M 13.

148

nl. zoodanig aangebracht, dat zij aan de buitenzijde gemakkelijk afgenomen en weder aangebracht kunnen worden.

De zagen zijn bevestigd op een as, die om onafhankelijk te zijn van mogelijke zettingen van het schip, uit drie of meer gekoppelde stukken bestaat. Dit heeft nog het voordeel, dat elk stuk, met de daaraan bevestigde zagen, afzonderlijk gelicht, nagezien, gerepareerd en weder aangebracht kan worden. Dit is noodig om de tanden der zagen te kunnen scherpen, terwijl ook de mogelijkheid bestaat, dat de zagen zelve tijdens de werking beschadigen.

De as wordt aan beide einden gedraaid door een stalen plaatketting (Gallesche ketting) welke in beweging gebracht wordt door een triple compound machine.

Het ijs, door de buitenste zagen gebroken, wordt over een hellend vlak Ec geschoven op het vaste ijs naast het schip, doch zal daar wegens de geringe hoeveelheid (het vertegenwoordigt slechts de hoeveelheid van een strook ter breedte van 25 cM.) geen hinder veroorzaken. Het zou ook mogelijk zijn den ijsopruimer zoodanig in te richten dat ook dit ijs met het overige ijs onder de vaste ijskorst gestuwd werd.

Boven de zagen is een kap O aangebracht, die op het vaste ijs moet rusten.

Zij dient behalve voor het opruimen van sneeuw en losse voorwerpen, welke op het ijs mochten aangetroffen worden, ook om de zagen tegen bevriezen te kunnen beschermen.

Onder deze kap wordt in een buizennet stoom geleid, terwijl bij groote kou het water in de ruimte G door den afgewerkten of wel verschen stoom verwarmd kan worden.

Om te voorkomen dat noodeloos warmte verloren gaat is aan de binnenzijde van de kap vilt aangebracht, dat met een breede strook over het ijs sleept en dus een goede afsluiting vormt.

De as waarop de zagen bevestigd zijn, is doorboord en eveneens met stoom verwarmd, waardoor de goede werking wordt verzekerd.

Ook bestaat het voornemen, hoewel dit niet op de teekening is aangeduid, om het geheele schip tegen aanvriezen te beveiligen door het aanbrengen van stoomleibuizen boven en beneden de waterlijn, alsmede om de afgewerkte stoom van de machine die het rad drijft te gebruiken om de schoepen tegen aanijzelen te beschermen.

Yan de op het schip aanwezige ruimte is partij getrokken voor berging van steenkolen alsmede tot het aanbrengen van hutten voor den kapitein, de beide machinisten, de stokers en de matrozen, hoewel deze hutten niet al te groot zijn geworden, door de machines die veel plaats innemen.

Onder den ijsopruimer bevinden zich 3 of 4 ruimten, door waterdichte schotten van elkaar gescheiden, waarmede de diepgang aan de voorzijde geregeld wordt door het inlaten of uitpompen van water, hetgeen noodig is in verband met de meerdere of mindere dikte van het ijs.

De heer van Leeuwen heeft een model van den eigenlijken ijsopruimer (het voorste gedeelte van het schip) doen vervaardigen op 1/25 der ware grootte, en was daardoor in staat proeven met zijn ontwerp te nemen die zeer goed geslaagd zijn.

Het ijs wordt bij die proefnemingen vervangen door een plaat stearine met schapenvet, die op het water wordt voortbewogen, terwijl de ijsopruimer geplaatst in een bak met water op zijn plaats blijft. Het zelfde effect wordt dus verkregen als wanneer het schip in beweging was en de ijskorst in rust bleef. Proeven met ijs kon men niet nemen omdat daaraan te veel bezwaren verbonden zijn.

De stearine heeft ongeveer hetzelfde soortelijk gewicht als ijs, zoodat de omstandigheden wat het verwijderen van het ijs betreft — en hierop komt het voornamelijk op aan — dezelfde zijn.

De vaste ijskorst langs den ijsopruimer werd voorgesteld door een glazen plaat, waardoor het mogelijk was het effect van de zagen en de goede werking der schroeven te zien ; ook de strooken ijs welke langs de hellende vlakken op het vaste ijs moeten terecht komen, werkten bevredigend.

De schroeven, de zagen en de stearineplaat, werden alle gelijktijdig bewogen door kettinkjes zonder eind en snaren uitgaande van een as die door een kruk gedraaid werd.

Het model is steeds voor belangstellenden bij den heer van Leeuwen te bezichtigen waar men zich ook van de proeven kan overtuigen.

Nog is een model van het geheele schip gemaakt op een schaal van 1I50, doch hierin ontbreken de toestellen.

Het model — en ook de teekening, — stelt voor een schip met een totale lengte van 35 M. De breedte van het grootspant bedraagt 6.80 M. terwijl die van den ijsopruimer (dus ook van

de te maken geul) 7.50 M. is; de maximum diepgang, wanneer gerekend wordt op zeer zwaar ijs zal wezen 2 M.

Voor zulk een opruimer worden ondersteld noodig te zijn 32 zagen, ieder met een diameter van 2 M.

De machine voor het drijven der cirkelzagen zal, volgens den heer van Leeuwen, berekend moeten zijn op minstens 150 Ind. P. K. doch het is raadzaam de machine zoodanig te construeeren dal het vermógen tot 500 Ind. P. K. opgevoerd kan worden, in verband met groote dikte van ijs.

De schroeven voor het verwijderen van het ijs in het water komen met den bovenkant op minstens 75 cM. onder de waterlijn, en verkrijgen een diameter van 1.50 a 1.80 M.

Zij worden ieder afzonderlijk door een machine bewogen ; ook voor deze machine moet de arbeid naar gelang van omstandigheden opgevoerd kunnen worden en is gerekend voor iedere machine op 25 a 50 P. K.

Voor het voortbewegen van het schip dient een cycloïdaal wiel met een breedte van 3 M. en een diameter van 5 M., waarvoor een machine van minstens 120 P.K. noodig wordt geoordeeld.

De stoom, voor het drijven der vier machines en tot verwarming van de kast, waarin de zagen zich bewegen, alsmede de huid van het schip, moet geleverd worden door 2 stalen bootketels, berekend op een druk van 10 atmosferen, en een totaal verwarmend oppervlak van 550 M2.

De heer van Leeuwen acht zulk een ijsopruimer in staat om een vaargeul door 10 a 15 cM. dik ijs te maken met een snelheid van 2 a 4 KM. per uur. Bij grootere dikte van het ijs zal men de snelheid natuurlijk moeten verminderen. Hij is echter berekend om ook ijs van 0.75 M. dikte te kunnen zagen.

De kosten van aanschaffing voor zulk een vaartuig worden door den ontwerper geschat op f 60,000 è, f 70,000, waarbij evenwel gerekend is op een groote post voor onvoorzien om nog tijdens den bouw de noodige proefnemingen te kunnen doen. Bij aanmaak van meerdere ijsopruimers zullen de kosten waarschijnlijk niet meer dan f 40,000 per stuk bedragen.

Voor het in dienst stellen zijn noodig een kapitein, 2 machinisten, 2 stokers en minstens 2 matrozen. Om ook 's nachts te kunnen werken, hetgeen mogelijk is wanneer men den ijsopruimer electrisch of met eenige IJ- of Well's lampen verlicht, moet men daarenboven nog hulppersoneel hebben.

Wordt de ijsopruimer niet gebruikt voor het doel waarvoor hij ontworpen is, dan. kan hij dienst doen als sleepboot, waartoe door ballasting van het achterschip het voorste gedeelte uit het water kan worden gelicht.

Ook is het mogelijk tijdens het ijsbreken een ot meer schepen op sleeptouw te nemen, daar de machine voor het voortbewegen van het schip onafhankelijk is van de machine voor het opruimen van het ijs. Het is daarom wenschelijk de machine te bouwen zoodanig dat het vermogen tijdelijk tot b.v. 350 PK. opgevoerd zou kunnen worden.

Hoewel het beginsel, waarop de bovenbeschreven ijsopruimer berust, mij zeer rationeel voorkomt, omdat uitgegaan is van het idee dat het gebroken ijs ook uit de gemaakte geul verwijderd moet worden, acht ik toch de kosten van het geheele schip in aanbouw en bediening voorloopig een groot bezwaar, zoodat men niet licht tot de aanschaffing daarvan zal overgaan, tenzij proeven op groote schaal genomen het meerdere nut boven een ijsploeg duidelijk hebben doen uitkomen en de hooge kosten daarvan rechtvaardigen, vooral omdat met ijsploegen in de laatste winters ook goede resultaten verkregen zijn. (1)

De heer van Leeuwen heeft daarom op mijn verzoek een begrooting gemaakt voor een ijsopruimer van kleinere afmetingen, welke niet bepaald behoeft te dienen voor het maken van een vaargeul, maar wel om hiermede proeven te nemen. Allereerst komt toch de vraag te pas, welke vorm van tanden zal voor de zagen het meest geschikt zijn, en hoeveel kracht is er noodig om de zagen te drijven, terwijl het ook van belang is na te gaan, welke spoed en welke hoek van uittreding aan de

(1) Op het Vle Internationaal congres voor binnenscheepvaart werd door den secretaris der "Vereeniging tot behartiging der Stoomvaartbelangen in Nederland, den heer C. T. Cramer, een belangrijk rapport uitgebracht over het breken van ijs in kanalen en rivieren van Nederland door middel van particuliere stoomschepen met ijsploegen gewapend. Dit rapport werd o. a. in zijn geheel opgenomen in het Weekblad «Schuttevaer» No. 15, 16 en 17 van dezen jaargang.

Daaruit blijkt dat een ijsploeg voor booten van 150 tot 200 Ind. PK. van 2 tot 3000 gulden kosten, terwijl de schepen hunne oorspronkelijke waarde behouden.

Bij de discussie over dat rapport op het congres werd evenwel betwijfeld of de ijsploeg wel een ijsvrije vaargeul kan vormen.