is toegevoegd aan uw favorieten.

De ingenieur; weekblad gewijd aan de techniek en de economie van openbare werken en nijverheid jrg 13, 1898, no 51, 17-12-1898

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

624

M 51.

afzonderlijke leiding met haar in verbinding, zij worden naar behoeften voorzien, hetgeen in de centrale nauwkeurig kan wor- ] den waargenomen. Dit station is van Hoterheide 4 K.M. en van het eindpunt der baan (Crefeld) 5 K.M. verwijderd. '

Het electrisch gedeelte van de centrale en het tweede station, met uitzondering van de accumulatoren is geleverd door de firma Lahmeyer & Co. te Frankfurt a. M. , ",

Van de centrale uit zoowel als van uit het station in lischeln gaan de voedingsleidingen naar drie voedingspunten dus te zamen zes, waardoor de lijn in zes van elkander onafhankelijke afdeelingen is verdeeld.

Ieder dezer afdeelingen is weder in 1 K.M. lange onderafdelingen gerangschikt die van elkander door isolatoren met uitschakelaars gescheiden zijn en van bliksemafleiders zijn voorzien De contactleidingen bestaan uit twee hardkoperdraden van 9 mM. doorsnede en hangen bij enkel spoor op een afstand van 15 é.M evenwijdig van elkander, bij dubbel spoor en bij de wissels wijken zij van elkaar af. n t

Op de vrije baan (Oberkassei tot de halte Diesem—Crefeld) zijn gesmeed ijzeren vakwerkmasten tot het ophangen der geleidingen aangebracht, en in de straten der beide steden gegoten ijzeren zoogenaamde mannesmanmasten.

De voedingsleidingen zijn aan isolatoren welke aanisoleerende houten dwarsarmen aan het bovengedeelte der masten zijn aangebracht, opgehangen. Op afstanden van 300 Meter zijn de contactleidingen aan zwaardere masten verankerd, zoodat een storing der exploitatie tengevolge van het breken eener draad niet kan voorkomen. De stations zijn onderling telephomsch verbonden. Bij ieder der van draaibare assen voorziene motorwagens zijn twee electromotoren van 35—40 PK. voorhanden, terwijl de stroomovername plaats heeft door twee beugels (systeem Siemens & Halske). Iedere wagen kan 54 reizigers nl. 36 zitplaatsen II en III klassen en 18 staanplaatsen bevatten. De wagens worden door 18 gloeilampen van 16 normaal kaarsen verlicht. Het remmen geschiedt door een hand- of luchtdrukrem, buitendien hebben de motorwagens in geval van nood een korte sluitrem.

Het locaal verkeer in Dusseldorf en Crefeld zelf heeft plaats door midel van kleinere wagens (16 zit- en 14 staanplaatsen) op twee assen, voorzien van twee electromotoren van 20 P. K. met kracht overbrenging door middel van tandraderen. De geheele aanleg voor de electrische stroomgeleiding en het wagenpark is uitgevoerd door de Actiengesellschaft Siemens & Halske; de wagens zijn gebouwd door de firma Dusseldorfer Eisenbahn-

bedarf. ,

De locaalspoorweg dient tot vervoer van personen, vrachtgoederen en landbouwproducten. Ieder half uur rijdt een trein van Dusseldorf (Heroldstrasse) en een van Crefeld (Rheinstrasse) met afwisseling van locaal- en sneltreinen. De sneltreinen houden alleen stil aan de halte Meerer-Forsthaus, waar gekruist wordt. Buitendien heeft, zooals reeds hierboven is medegedeeld een locaal verkeer om de zes a acht minuten plaats tusschen Dusseldorf-Oberkassel en om de tien minuten in Crefeld.

De vrachtgoederen worden verzameld en in afzonderlijke goederenwagens met de locaaltreinen medegegeven; kleinere ijlgoederen kunnen met iederen trein worden verzonden.

Gastram Den Haag—Loosduinen.

Gedurende de maand November zijn door de gastrammen afgelegd 1833 K.M., waarvan 651 K.M. door den reservewagen No. 2.

Wij zijn zeer tevreden met de door ons behaalde resultaten en uit eigen ondervinding zijn wij tot de conclusie gekomen, dat bij eene juiste behandeling gastrammen alleszins vertrouwbaar zijn, niet te voorziene ongelukken natuurlijk buitengesloten.

Het feit dat wagen No. 1 in de laatste twee maanden een afstand heeft afgelegd van 3057 K.M. en dat er nog nimmer gedurende den rit iets gehaperd heeft en de gastram steeds op tijd is aangekomen, staaft onze vorige bewering.

Wagen No. 2 heeft 651 K.M. afgelegd. De tweede dag dat deze wagen in dienst werd gesteld, bleef de wagen gedurende een rit stilstaan. Bij onderzoek bleek, dat de rem verkeerd gesteld was en uit zichzelf vastliep. Nadat dit verholpen was, werden de verdere ritten zonder stoornis volbracht.

Wagen No. 2 heeft reeds een tweetal jaren dienst gedaan op de Blackpool-lijn en stond daarna voor ongeveer zes maanden als reserve in de remise, zonder echter gebruikt te worden.

Deze wagen, ofschoon van precies dezelfde constructie als wagen No. 1, loopt volgens onze opinie niet zoo regelmatig als deze.

Oorzaak hiervan is dat de cylinders erg vuil zijn en de cylinderringen door aanwezigheid van verharde olie niet hunne volle veerkracht kunnen ontwikkelen.

Ofschoon de Directie der Westlandsche Stoomtramweg-Maat„„u„—;i „„„ ™Q+ ria n-mnts+p welwillendheid behandelt en de

proefneming zooveel mogelijk steunt, zijn hare remises niet geschikt om onzen wagen kort te lichten en de cylinders enz. schoon te maken, iets wat feitelijk eens per jaar moet gebeuren, doch bij wagen No. 2 nog nimmer heeft plaats gehad.

Den 4den November 's morgens liet een van ons personeel bij het schoonmaken van de tram zijn licht onder het houtwerk van het platform. Dit geraakte in brand en deze brand deelde zich aan den gutta percha gaszak mede, zoodat een geregelde toevoer van gas het brandje bleef voeden.

Daar ons personeel nog niet geheel met de gastrammen bekend is, werd de gaskraan eerst gesloten nadat de brand de verf en de kussens zoozeer beschadigd had, dat de reservewagen in moest vallen. Deze reed tot den 14 Nov., toen No. 1 weder in dienst werd gesteld. (1) ,.

Het publiek vindt wagen No. 2 wegens zijne kleinere afmetingen «gezelliger», doch werd zeer geklaagd over de olieverlichting, ofschoon deze feitelijk beter is, dan in de meeste trammen het geval is.

De verlichting van wagen No. 1 met gasgloeilicht schijnt echter het publiek reeds verwend te hebben.

Waterverbruik van wagen No. 1 is nihil, hetzelfde koelwater hetwelk 14 Oct. ingenomen werd, doet thans nog dienst.

Wagen No. 2, die wegens zijn imperiaal slechts zeer weinig koelwater in buizen medeneemt, moest na iedere twee ritten van versch water voorzien worden.

Het totale gasverbruik van de wagens gedurende November bedroeg 1312 M3., zijnde 0.715 M3. per wagen-K.M. met mbeo-rip van verlichting, proeftochten enz.

Het gasverbruik van wagen No. 2 was boven het normale; de oorzaak hiervan is, dat de wielflensen te breed zijn voor het spoor van de Westlandsche en daardoor zeer veel wrijving ontstond. Zijn deze flensen wat afgesleten, dan zal deze schuring tegen de contrarails verdwijnen. _ ,

Het verbruik van gasmotor-olie per tram is verminderd van 10 tot 8 liter per maand, hetwelk nu als een constant gerekend mag worden. ...

Ono-eveer de helft van de gebruikte 10 kilo radervet werd bij schoonmaak van den raderbak teruggevonden. Dit vet, opnieuw gesmolten, wordt weder gebruikt.

Wat reparatiën aangaat, daarvan kan bij ons natuurlijkerwijze nog geen opgaaf gedaan worden, doch vernemen wij van de directie van de Blackpool-tram, dat dit hun zeer meegeval-

leAan het raderwerk aldaar wordt nog geen slijtage waargenomen hetwelk wij bevestigen kunnen, daar het raderwerk van wagen No. 2, die reeds twee jaar in dienst is geweest, nog volkomen scherp is. Opmerking verdient dat de raderen beurtelino-s van staal en aluminiumbrons vervaardigd zijn.

De kettingronsels echter moeten na jaar vernieuwd worden.

Het oud systeem ketting sleet zeer spoedig, de nieuwere schijnen veel beter te zijn. Te Blackpool, waar zij thans reeds een maand of acht in gebruik zijn, heeft men ze nog niet behoeven te vernieuwen. Ook zijn de nieuwere kettingen goedkooper.

De slijtage van den gasmotor zelf is met meer dan bij een staanden gasmotor het geval is. Zooals bekend, is dit onderhoud van niet veel beteekenis. ..

Wat de tram zelf betreft gelooven wij dat zij zoo mogelijk nu no°- rustiger loopt dan in het begin, van schudden gedurende stilstand! niets te merken, terwijl van reuk in den wagen geen sprake is. .

De gasgloeiverlichting houdt zich uitstekend en onzes inziens is er geen enkele reden, waarom deze verlichting ook met m snoorwegrijtuigen toegepast zou kunnen worden PZooals bekend, kan men de gastram door middel van de zeer sterke rem binnen een wagenlengte van full speed tot stilstand brengen. In geval van nood kan men echter door de machine

(-1) Ofschoon het overbodig is deskundigen er op te wijzen dat het gas n een gastram onmogelijk ontploffen kan levert dit brandje toch voor het publiek het geruststellend bewijs, dat zelfs in zulke buitengewone omstandigheden een gastram gewoon brandt, gelijk bij iederen anderen wagen het geval zou zijn.