Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het Börsenblait meldt dat van Frits Reuter's nieuwste werk De ineclcelnbörgschen Montecchi un Capulelli, tot heden in drie oplagen 19,000 exemplaren zijn verkocht en de vierde oplage biunen kort verwacht wordt.

De Vlaamsche letterkunde heeft wederom een harer schoonste sieraden verloren. Te Elzene, nahij Brussel, overleed nl. den 4den dezer de dichter J. M. Dautzenberg, in den ouderdom van ruim 60 jaren, 's Mans verdiensten zijn minder gelegen in de veelheid, dan wel in de keurigheid van de geschriften, door hem geleverd. Als dichter onderscheidde hij zich door vloeiendheid en zuiverheid van taal en dictie, waarbij hij zich toelegde om verouderde doch kostbare vormen op te nemen. Over de prosodie, een tak van taalstudie waarin hij bijzonder uitmuntte, heeft hij eene belangrijke proeve in het licht gegeven. Bij degelijke bekwaamheden voegde hij eene nederigheid en beminnelijkheid van karakter, welke hem de hoogachting verwierven van allen, die hem leerden kennen.

Zooals bekend is, zijn de processen wegens nadruk in Frankrijk lang niet zeldzaam en loopt menig uitgever, die niet volkomen op de hoogte is van de moraliteit zijner auteurs , er wel eens onschuldig in, te meer omdat de wet tot zelfs kleine vergrijpen streng beboet. Dat er daarom wel eens door sommigen op gespeculeerd wordt, is niet te verwonderen. Zoo b. v. kwam dezer dagen een geval voor dat de romanschrijver Emmanuel Gonzalès , die vóór achttien jaren een roman uitgegeven had onder den titel le Chasseur oVhommes, eene aanklacht indiende tegen de firma Michel Levï prères , omdat die ook een roman van de Bréhat onder öDgeveer denzelfden titel had uitgegeven. Gelukkig voor de firma Levï droeg haar boek behalve den bijtitel " Souvenirs du cap de Bonne-Espérance" tot hoofdtitel » Lei Chasseurs d'hommes," en was het met vignetten voorzien, zoodat het uitwendig toch iets, maar inwendig zeer veel met dat van Gonzalès verschilde en er dus weinig kans was dat het publiek zich vergissen zou in beide boeken , te minder omdat het eerste al 18 jaar geleden was verschenen. Uit dien hoofde werd dan ook LÉVY vrijgesproken en Gonzalès in de kosten veroordeeld.

Uit een overzicht van den staat van het Keizerrijk, afdeeling «drukpers," van 31 Oct. 1867—31 Oct. 1868, is gebleken dat in Frankrijk sedert de vermindering van het dagbladzegel van 1 centime voor Parijs en 2 centimes voor de departementen , het getal staatkundige bladen merkelijk is toegenomen. Daarentegen worden veel minder vreemde bladen ingevoerd.

Op den 31 October 1867 , verschenen in Parijs 74 en in de departementen 310 politieke bladen , terwijl op denzelfden datum in 1868 te Parijs 82 en in de departementen 398 het licht zagen.

Sedert de invoering der nieuwe meer vrijgevige bepalingen op de drukpers (11 Mei 1868) tot 1 November, dus gedurende 6 maanden , werd alleen te Parijs voor 34 politieke bladen vergunning gevraagd en verkregen, tegen 7 dergelijke aanvragen in dezelfde tijdruimte vóór 11 Mei. Van die 41 bladen, zijn 20 nog niet verschenen of reeds weder opgeheven.

Den 31 October 1867 telde men te Parijs 886 en in de departementen 725 niet-staatkundige journalen , tegen 606 en 785 op denzelfden datum in 1868 , dus verminderde dat getal te Parijs met 280, terwijl niettemin in dat tijdsverloop toch 291 nieuwe niet-staatkundige journalen werden uitgegeven. Wèl een bewijs hoe vluchtig het bestaan van vele dier tijdschriften en bladen is.

Vergunning tot colportage is verleend voor 1403 boeken , brochures, almanakken en liederenbundels, terwijl die vergunning voor 142 geschriften werd geweigerd.

Het getal nieuwe firma's (boekdrukkers en boekverkoopers) te Parijs bedroeg 221 ; in de departementen 116. De productiviteit is echter naar verhouding niet vermeerderd. Ook de invoer van boeken uit den vreemde is beneden het bedrag van een jaar te voren gebleven.

In welke verhouding tot vroegere jaren de keizerlijke boekdrukkerij hare diensten doet, kan uit de volgende opgaven blijken : in 1830 werden verbruikt 76,000 riem papier. . 1861 . 175,900 »

» 1868 » ,, 217,424 »

Zooals men weet ontstaat dit aanzienlijk verbruik van papier niet enkel door dezelfde soort werken als op onze Landsdrukkerij worden nitgevoerd, maar vooral ook door de vele historische en taalkundige boeken, die door de zorgen van de Fransche regering het licht zien, zooals de Correspondence de Napoléon I, de werken van Lavoisier en Tresnel, de brieven van Colbert, de Topocjraphie du Vieux Faris, Miller's Mélanges de la litlérature Grecque, Menant's Grammaire assyrienne, enz. enz.

In de Amsterdamsche Courant van den 11 en Februari komt het volgende voor:

ii Eenigen tijd geleden deelden wij een kort berigt mede , houdende dat men te Washington een in de hollandsche taal gedrukt boek van het jaar 1772 had gevonden, waarvan de bladen uit de meest verschillende soorten van papier zijn vervaardigd, als van wespennesten, houtzaagsel, brandnetels, wijnranken, hennep, moerbeziën bladen, aloëbladen, distels, stroo, houtskool, wol, gras, popnlier-, wilgen-, berken- en beukenhout, kastanjebladen en tulpen, alles wel niet zeer blank, maar uiterst deugdzaam en het volledig bewijs leverende, dat men voor honderd jaren reeds papier wist te maken zonder gebruik van lompen.

« De kwestie gelijk men weet, is nog altijd aan de orde en daarom

werd door ons van dat werk gesproken toen wij er elders melding van gemaakt vonden. Eenigen tijd daarna ontvingen wij een aangenaam bewijs, dat het de aandacht getrokken had. Wij kregen namelijk van een onzer stadgenooten (geen industrieel, maar regtsgeleerde) naar aanleiding van bedoeld artikeltje, een hoogst merkwaardig boek in twee deelen ter inzage, dat van nog verder dagteekening is en in 1765 te Regensburg in de hoogduitsche taal werd uitgegeven.

Meer dan een eeuw oud dus, bewijst het toch waarlijk wel de proefhoudende deugdzaamheid der vele papiersoorten, van al de bovengenoemde stoffen vervaardigd. Wij vonden er bovendien nog fraaie monsters in van uit verschillende mossoorten gemaakt papier.

Meer nog. Het is niet zoozeer een werk, op de verschillende papieren gedrukt, dan wel een volledige en hoogst belangrijke verhandeling over het maken van dat papier. De schrijver deelt de door hem genomen proeven, de geheele wijs van bewerking mede, zijne wederlegging van ingebragte bezwaren en gemaakte bedenkingen , ja zelfs vangt het tweede deel aan met een breedvoerig antwoord aan een vinnig bestrijder, waaruit ons blijkt, dat zijn arbeid overal veel opzien gebaard en groote belangstelling gewekt had, tot in Rusland en Noorwegen toe. Daar de nitgave op alles behalve zuinigen voet was ingerigt, dat is b. v. met vele fraai gekleurde kopergravures der grondstoffen enz. versierd, en van een aantal monsters voorzien , moest zij kostbaar wezen. De maker stelde dus bij de uitgave van het eerste deel het voortzetten zijner proeven , althans het geven van een tweede deel, afhankelijk van de opname die het eerste vinden zou. De verschijning van het tweede dus bewijst reeds dat het eerste grooten aftrek had.

Het is getiteld : D. Jacob Christiaan Sohüffers Versuche und Musier ohne alle Zumpen, oder doch mit einem geringen Zusatze derselben , Papier zu machen. Regensburg 1765. Het werk is opgedragen aan Z. M. George III, koning van Engeland, nit erkentelijkheid van den schrijver voor zijne benoeming tot lid van Zr. Ms. Royal Society of sciences.

De grootste Drukkerij der wereld.

Onder dezen titel geeft The Tribune (een Amerikaansch tijdschrift) eene beschrijving van de Gouvernements-drukkerij te Washington. Wij laten daarvan een uittreksel volgen als een staaltje van den grootschen schaal waarop deze tak van nijverheid daar wordt gedreven.

De drukkerij is gevestigd in de benedenverdieping van een gebouw dat honderd Ned. ellen lang, 17 Ned. ellen breed, en 4 verdiepingen hoog is. De zetterij strekt zich over de geheele tweede verdieping uit, met uitzondering van een der hoeken, waar het kantoor der directie gevestigd is. Gedurende de zitting van het congres, zijn hier 150 zetters onafgebroken werkzaam. Alle mogelijke soorten van letters en karakters zijn in dezj; zetterij voorhanden, en de voorraad van sommige lettersoorten is zoo aanzienlijk, dat men daarmede 500 bladzijden in 8°. zou kunnen uitzetten. Het personeel is toereikend om een boekdeel van 500 blz. in 8°. in drie dagen te zetten. Het loon der zetters wordt berekend op ongeveer 30 cents per 1000 letters. Even als de drukkers, worden zij per maand betaald.

Eene lettergieterij is aan de zetterij toegevoegd en alle werken, waarvan de oplaag 200,000 ex. of daarboven bedraagt worden gestere'otypeerd.

De derde verdieping wordt geheel ingenomen door de binderij, die aan een paar honderd mannen en vrouwen werk verschaft. De machines die daar gebruikt worden, zijn van de laatste vinding en alle verbeteringen worden onmiddellijk in toepassing gebracht. De vouwerij is op de vierde verdieping gevestigd. Elf vonwmaehines, alle van de laatste vinding en met de laatste verbeteringen, zijn daar onafgebroken werkzaam. Ieder dezer machines vouwt 60 bladen tegelijk, en daar zij geheel automatisch werken, worden zij alleen door vrouwen bestuurd.

De drukkerij en droogerij beslaan de eerste verdieping, dat wil zeggen, de verdieping gelijkvloers. Twee en vijftig snelpersen, waarvan een naar het systeem Bullock, zijn daar onophoudelijk in beweging. Genoemde pers, door drie man bestuurd, drukt evenveel in denzelfden tijd, als 20 gewone persen en 30 man; zij kost dan ook 30,000 francs. Het Agricultural Journal, waarvan 189,550 ex. gedrukt worden, is tot heden het eenigste werk dat op die pers gedrnkt is. In minder dan 4 maanden heeft deze machine, onder toezicht van 3 man 8 millioen drukken geleverd. Het benoodigde papier wordt haar toegevoerd door een cilinder of trommel, die duizende vellen bevat, en als de machine in beweging is, ze op de verlangde grootte snijdt cn naar d.e machine voert. Deze machine drukt schoon- en weerdruk tegelijk, telt de afgedrukte vellen, en legt ze op eene tafel neder.

Alle persen , even als de werktuigen in de smederij, waar al het gebrokene gerepareerd wordt, worden in beweging gebracht door twee stoommachines, de eene van 45, de andere van 50 paardenkrachten.

A. L. D. P.

De uitgever Nimmo te Edinburgh adverteert dat hij heeft uitgegeven het 34e duizendtal exemplaren van The testimony of'the Bocks, door Hugh Miller.

In Duitschland verschenen in het vorige jaar 10563 boeken , plaatwerken , kaarten enz., tegen 9855 in het jaar 1867.

gedrukt bij c. blommendaal.

Sluiten