is toegevoegd aan je favorieten.

Tijdschrift voor Neerland's Indië jrg 14, 1885 (2e deel) [volgno 5]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

286

„Het eiland Soemba, welks radja's, blijkens de contracten door den gouvernements-commissaris Paravicini in 1756 gesloten, aan onze soevereiniteit heet en onderworpen te zijn, was tot het jaar 1869 geheel aan zich zelve overgelaten. In dat jaar besloot de regeering om er twee controleurs te plaatsen. Een dezer ambtenaren werd geplaatst nabij Nangamessi, alwaar sedert vele jaren een Arabier zich had gevestigd, die handel dreef in paarden, en bij de bevolking zeer gezien was. De andere controleur werd geplaatst te Melolo, een ander gedeelte van 't eiland."

„De lieden van Melolo dachten er echter anders over. Zij verklaarden niets van de Compagnie te willen weten en niets met ons uit te staan te hebben, en verjoegen den controleur — 's regeerings-vertegenwoordiger — met geweld van daar."

„De resident van Timor, dat voorval vernemende, wist niet recht goed hoe daarin te handelen. De bevolking van Melolo had ongetwijfeld voor die schandelijke belediging een ernstige tuchtiging verdiend; doch hij wist tevens dat de regeering vooral geen lastige rapporten van Timor wenschte te ontvangen en vónd 't dus maar beter die zaak te laten rusten!"

„Waarheen moest deze controleur dan gezonden worden? op de andere gedeelten van Soemba bestond waarschijnlijk dezelfde gezindheid jegens de Compagnie. Welnu, dan moesten de beide controleurs maar op dezelfde plaats gevestigd zijn! En zoo werden twee controleurs geplaatst nabij Nangamessi, terwijl overigens het groote eiland Soemba aan zich zelf werd overgelaten."

Wij zullen den schrijver in zijne bespiegelingen, omtrent de gevolgen die zoodanige handeling noodwendig moest na zich slepen — hoe belangrijk overigens ook — niet verder volgen, en ons vergenoegen, ter orienteering van den lezer, hier nog alleen bij te voegen, dat de door den controleur ontruimde standplaats, Melolo, ligt in het oostelijk gedeelte