is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdschrift voor Neerland's Indië jrg 15, 1886 (1e deel) [volgno 3]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

145

rentie van Leiden het hoofd te kunnen bieden. Andere argumenten als bijv. dat Leiden geen stad van amusementen i>, aeht ik minder juist; zeker, eene weelde-stad als Den Haag of Arnhem is Leiden niet, maar gelegenheid tot verstrooiing is er toch te over en menige groote provinciestad benijdt ons om de gemakkelijke wijze, waarop wij van veel wat op het gebied van kunst en wetenschap gepresteerd wordt, genieten kunnen.

Ik heb ook zoo menigmaal gehoord: Leiden leeft van het onderwijs. Hoe warm voorstander ik ook van het onderwijs ben toch acht ik dit beweren overdreven. Leiden heeft ook naast hare beroemde Academie, andere zeer krachtige elementen, waarop het bogen kan, en waardoor de gemeente boven vele andere steden bevoorrecht is. Dit alles geeft mij moed om met gerustheid ook zonder Indische Inrichting de toekomst van onze stad tegemoet te gaan. Het toekomstig succes der school acht ik dus zeer twijfelachtig voor den bloei der gemeente niet absoluut noodzakelijk, ik zal dus voor de opheffing stemmen.

Ik wil hier nog bij voegen, dat de stem, d,e ik straks za uitbrengen, mij veel strijd heeft gekost, omdat ik weet, dat aan de opheffing belangrijk nadeel voor sommigen verbonden is; het belang van enkelen moet echter volgens mijne overtuiging voor dat van het algemeen wijken.

De heer Van Dissel. Mijnheer de Voorzitter! Hoewel ik reeds langen tijd zwanger ging van het voornemen om een dergelijk voorstel als het thans aanhangige in te dienen, bleet er bij mij toch altijd nog eenige schroom en twijfel over. Er was mij door een geacht lid dezer vergadering, op wiens oordeel ik altijd hoogen prijs stel, toegevoegd: weet wel wat gij doet, gij brengt Leiden groot nadeel toe! Ik heb over die woorden veel nagedacht, en toch ben ik er toegekomen dit voorstel te onderteekenen. Ik moet bekennen, dat het voornamelijk de argumenten zijn geweest, die er tegen zijn aan-