is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdschrift voor Neerland's Indië jrg 15, 1886 (2e deel) [volgno 4]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

203

Stanley en bij de verwachtingen, die op handels- en industrieel gebied door deze nieuwe landen worden opgewekt, rijpte bij de diplomatie de gedachte, den volkenrechtelijken toestand van den nieuwen Staat, die hier zeer zeker zou worden opgericht, vast te stellen. Het eerst kwam de gedachte, om door een internationale conferentie deze zaak te regelen, op bij den Engelschen gezant te Lissabon, en van Lissabon ging ook de eerste ofncieele poging uit om eene dergelijke conferentie bijeen te roepen. Wel maakte Portugal nog altijd aanspraak op een groot gedeelte van dit gebied, maar eveneens had het goede redenen, dat deze op vreedzame wijze bepaald werden.

„Later werd het initiatief door "Duitschland en Frankrijk genomen en den 153en November 1884 had er eene conferentie der mogendheden te Berlijn plaats. België, Spanje, Portugal, Nederland, Engeland, Duitschland, de Vereenigde Staten van Noord-Amerika, als de meest belanghebbenden, en verder Denemarken, Italië, Zweden en Noorwegen, Oostenrijk-Hongarije, Rusland en Turkije waren hier vertegenwoordigd. Prins Bismarck was voorzitter dezer bijeenkomst.

„ Zoo werd de zaak van den Congo-staat gebracht voor het forum der mogendheden. Eene gemoedelijkheid en goedhartigheid van zuiverder water, dan er bij de oprichting van het Heilig Verbond te Weenen in 1815 blijkbaar was, bezielden de deelnemers aan de conferentie. „Afrika zou niet alleen voor economisch verkeer geopend worden, doch eveneens den zegen van de weldaden der Europeesche kuituur ondervinden." „Volkomen handelsvrijheid en gelijk recht voor alle handeldrijvende volken," dit was het hoofdbeginsel, dat de conferentie aannam.

„ Door de aanspraken van Frankrijk op een gebied aan de Kuilo en de naijver van de Brazza met Stanley scheen een enkel oogenblik de orde der behandeling gestoord te zullen worden. Doch ook dit kwam tot eene vreedzame oplossing. Daar de beteekenis van de Fransche ontdekkingen erkend werden en deze buiten het eigenlijke gebied, waarover de