is toegevoegd aan je favorieten.

Tijdschrift voor Neerland's Indië jrg 16, 1887 (1e deel) [volgno 6]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

325

dan drong zich een trotsche eik hardnekkig nu hier dan daar in het opgeroepen beeld van het Indische landschap, maar de zoetheid van de betoovering werd er niet te minder om. En wanneer dan plotseling een kille wind hen tot de werkelijkheid terugvoerde, ontsnapte hen niet onwillekeurig een zucht van verlangen naar het Indische klimaat?

Zij moeten nu bekennen, dat die voorstelling, hoe zoet, hoe vol warmte die ook was, evenver van de werkelijkheid verwijderd was als ieder andere, die men zich gemaakt heeft door studie of hooren zeggen van Indie, zijne bewoners, de levenswijze enz.

Men moge al van ouders afstammen, die jaren lang in Indie hebben doorgebracht, bij de grootste specialiteiten van uitrustingen door Oost- en West-Indie te markt gegaan, raadgevingen aangenomen en wenken opgevolgd van de doorkneedste Indische oudgasten, nauwelijks is men in Indie of men bemerkt, dat men in kleeding, doen en laten op de meest treffende wijze afwijkt en verschilt van al wat- Indisch is.

Dit wat hun persoon betreft.

De omgeving is niet alleen die, welke de phantasie hun gebeeld heeft, maar zelfs in strijd met die welke de studie hun had voorgespiegeld. Europeanen en Inlanders, huizen en plantengroei, levenswijze en werkkring, alles is zoo geheel anders dan zij zich gedacht, gewenscht, gedroomd hadden.

Zijn zij daarom teleurgesteld ? nog- niet.

Geen plaats in Indie . is, vooral wanneer men tegen het vallen van den avond aankomt, meer in staat om iemand te overweldigen, indruk op hem te maken dan Batavia, waar de meesten toch het eerst voet aan wal zetten.

Die bedrijvigheid van Europeanen en Inlanders, die rijen van villa's met hun zee van licht en hun rijkdom van omzoomend groen, die verscheidenheid van geuren, die verschillende geluiden en toonen, alles werkt samen om den nieuweling in een verhoogden, prikkelenden zenuwtoestand te