is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdschrift voor Neerland's Indië jrg 16, 1887 (2e deel) [volgno 3]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

148

zoo meende de Eegeering, blijkens de memorie van toelichting, dat ook deze daardoor indirect zouden worden gebaat. Of de Eegeering juist gezien heeft, kon, zeiden de hierbedoelde leden, alleen de uitkomst aantoonen. Zij meenden daarom te moeten vragen, wat daaromtrent tot dusver gebleken is. Zijn er ondernemingen, niet behoorende tot de categorie, waaraan hulp zou worden verleend, die gestaakt zijn geworden, en welke zullen eventueel de gevolgen van die staking voor den toestand in de Vorstenlanden zijn?

Dat de billijkheid zou hebben medegebracht, ook nietlevensvatbare ondernemingen te steunen, werd door deze leden ten sterkste ontkend. Men zou het integendeel zeer betreurd hebben, indien de Eegeering gemeend had ook aan deze steun te moeten verleenen.

Eenige leden, bovenstaande beschouwingen in hare waarde latende, meenden er echter op te moeten wijzen dat, indien in de Vorstenlanden buitengewone hulp van Eegeeringswege noodig was, de noodzakelijkheid daarvan reeds geruimen tijd was te voorzien geweest. De toestand van de Dorrepaalsche bank was voor niemand een geheim. De indiening van het tweede der onder dagteekening van 21 October 1886 ingediende wetsontwerpen geschiedde dan ook waarschijnlijk hoofdzakelijk met het oog op de Vorstenlanden, en niet zonder voorafgaand overleg met den Gouverneur-Generaal. Deze leden zouden er dan ook verre de voorkeur aan gegeven hebben, wanneer, in stede van den thans gevolgden weg, het tweede der ten vorigen jare door de Eegeering ingediende ontwerpen betreffende de suikercultuur op Java door haar was verdedigd en door de Kamer aangenomen.

Het wetsvoorstel leidde verder tot eene algemeene beschouwing omtrent den toestand in de Vorstenlanden, een toestand, die, afgescheiden van de tijdelijke moeielijkheden waarvan bij het ontwerp sprake is, naar sommiger oordeel in meer dan één opzicht dringend voorziening eischte. De overtuiging werd door enkele leden uitgesproken, dat de groote