is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdschrift voor Neerland's Indië jrg 16, 1887 (2e deel) [volgno 7]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

246

Spoedig, zeide nog de voorzitter, zal de benoeming worden bekend gemaakt van den opvolger des heeren Treacher, als langdvoogd in Noord-Borneo, ofschoon de onderhandelingen met hem nog niet geheel beklonken zijn. Maar zij zijn vergevorderd en laten geen twijfel nopens den afloop. De keus was moeielijk, maar de directie is er in geslaagd eenen persoon te vinden, die aan de van hem gekoesterde verwachtingen zal kunnen beantwoorden. Hij is een hooggeplaatst ambtenaar uit Singapore, warm aanbevolen door Sir Frederic Weid, den gewezen gouverneur der Straits Settlements, en iemand die ook bij de Britsche regeering in hoog aanzien staat.

Nadat, op voorstel des voorzitters, de vergadering een votum van dank had uitgebracht aan den heer Treacher voor de bewezen diensten, vroeg één der aanwezigen, hoe de betrekkingen tegenwoordig staan tusschen de North-Borneo Company en hare naburen.

Sir Rutherford antwoordde daarop, dat die betrekkingen weinig te wenschen overlaten. Met Broenaï worden de onderhandelingen over het verwerven van eenige aangrenzende rivieren door de maatschappij voortgezet. De uitkomsten van Sir Frederic Weld's zending naar Noord-Borneo, op bevel der Britsche regeering ondernomen, zijn nog onbekend, doch ongetwijfeld, meende spreker, zal die zending voeren tot het brengen van meer orde, regelmaat en bestendigheid in de betrekkingen der Noord-Borneo-staten onderling, en met Singapore en het moederland.

De gewone vergadering ging nu over tot eene buitengewone, ten einde te overwegen een voorstel der directie, om goed te keuren eene door haar met den heer Alfred Dent, stichter en directeur der North-Borneo Company, gesloten overeenkomst. De 21 artikelen dezer overeenkomst werden niet voorgelezen, maar uit de toelichting van Sir Rutherford Alcock bleek, dat zij strekt, den heer Alfred Dent te machtigen eene nieuwe bankinstelling voor Noord-Borneo in het