is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdschrift voor Neerland's Indië jrg 17, 1888 (1e deel) [volgno 5]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

267

verschafte ons daar een zeldzaam schoon tooneel een uur van groot genot. Waai is gelegen aan een diepe baai tegenover het eiland Haroeka. De hooge pieken van Ceram sluiten het gezicht in links; rechts is de nauwe uitgang naar de zee daarachter, en talrijke, begroeide eilandjes stoffeeren de gesloten ruimte, die, zonder de straat van Haroeka, een binnenzee zou zijn. Wij stonden op het strand bij ebgetij; in front van een achtergrond van hooge prachtige groene boomen, die mijlen ver zich langs het strand uitstrekken, terwijl de donkere gestalten der inlanders in hun vroolijke kleeding het tooneel verlevendigden als zij met hunne lasten huiswaarts keerden of aan den oever stonden te visschen. De pieken van Ceram rijzen grootsch en grijs, Haroeka vertoont zich in donker blauwe tinten, de opening wordt juist door het vuurrood der zon opgeluisterd, de onbeweeglijke schitterende zee weerkaatst de gouden stralen; opeengestapelde massa's purper, vuurroode, rooskleurige, zacht grijze en zuiver witte wolken versieren den hemel, waartusschen eenige sterren glinsteren en de opkomende maan zich nu en dan vertoont. In een minuut, gaf eene windvlaag uit de bergen het tooneel een grijs, stormachtig aanzien: de zee rimpelt, de kokospalmen wiggelen langs de kust in de bries, en het woud in de verte zend ons een brommend geluid. Terwijl wij deze tooneelverwisseling nog bewonderen, maakt zij weder plaats voor het rustig maanlicht. In dien korten strijd der elementen, had de nacht den dag vervangen, beheerscht door de volle maan, die nu haar licht over de kalme zee en het omliggende panorama verspreidde. Wat is het liefste: — de rijke glorie van een Oosterschen zonsondergang of de zachte intensiteit van zijn maanlicht? Wij keerden terug, ruim vergoedt voor menig reisongemak en ziekenvrees.

De Eajah is een bescheiden man, en gedurende ons verblijf alhier zijn wij hem weinig gewaar geworden. Gisteren, echter, hield hij ons langer gezelschap dan ons lief was. Er