is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdschrift voor Neerland's Indië jrg 17, 1888 (1e deel) [volgno 7]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

460

Doch wat blijft hem over te doen nu de tijd voor de sawah bewerking reeds aangebroken is; een ander verhuurt hem geen karbou nu men weet, dat hij zijn sawah reeds voor den aankoop van een karbou verpand heeft en patjollen gaat ook niet meer, hij zoude niet klaar komen, dus zal hij de karbou maar vooreerst huren en, als Allah het wil, zal hem de gelegenheid wel geschonken worden om de karbou, die hij nu huren moet ook wel te koopen, en, lukt zulks hem niet, dan heeft Allah het niet gewild en dan moet hij zich maar bij hetgeen gebeurt neerleggen. Dit besluit is na lang over en weer praten met den karbou-eigenaar genomen en beiden gaan den volgenden morgen weder naar den geldschieter om alles af te maken, waarbij den landbouwer de belofte gedaan wordt, dat de geldschieter hem nu en dan wat blandja zal geven zoolang de padi nog niet geoogst en de arang tani daar behoefte aan heeft. De karbou-eigenaar wordt met ƒ 40 afgescheept als prijs voor zijn karbou, waarvan hij de helft dadelijk ontvangt en het overschietende later kan komen halen, welke hem dan in bedragen van ƒ 5, of ƒ 2.50 wordt uitbetaald.

Wordt den landbouwer nu en dan wat blandja geschonken op zijn herhaald aandringen en na langdurig wachten, hoe dichter het naar het snijden van de padi loopt hoe moeilijker het wordt in zijn immer heerschende geldbehoefte te voorzien, omdat de geldschieter minder en minder geneigdheid toont in die voorziening te treden om geheel eiken geldelijken bijstand verder te weigeren als de oogsttijd daar is.

Heeft hij zijn debet in padi voor karbou-huur en voorgeschoten blandja aangezuiverd dan blijft er in den regel noode over om een a twee maanden in zijn behoefte aan rijst te voorzien en, mocht het soms wat meer zijn, dan kan de landbouwer niet besluiten om dat meerdere deel in mindering voor den aankoop van den karbou af te staan; liever wil hij het volgende seisoen op dezelfde wijze handelen als in het laatste en tot die handeling moet hij gewoonlijk zich bepalen,