is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdschrift voor Neerland's Indië jrg 17, 1888 (2e deel) [volgno 2]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

80

lijfwacht, Portier, en de heer de Sturler, élève voor de inlandsche talen, met drie dragonders van de lijfwacht en een detachement infanterie van Mangko Negoro, naar eene dessa omtrent 12 palen van hier in de binnenlanden gelegen, met oogmerk om twee verdachte inlandsche hoofden op te ligten. Zij kwamen heden terug, de twee bedoelde personen medebrengende. Een van hen, behoorende tot het Djokjosche gebied, hadden zij tot zich gelokt onder het voorgeven dat de heer de Sturler een zoon van den resident was, die zich met de jagt wenschte te vermaken. De heer Portier, die met hem bekend was, had hem verzocht hen te vergezellen en hun behulpzaam te willen zijn. Hij ging werkelijk met hen mede, doch daar de troepen, die men op eenen afstand halte had doen houden, met last om op een zekeren bepaalden tijd of naderen last aan te rukken, zich niet lieten zien, konde men hem niet in arrest nemen. Men stelde zich voor de jagt den volgenden dag te hervatten, en hij beloofde alsdan weder van de partij te zullen zijn. De beide heeren overnachteden in eene dessa van het Solosche, welke door eene rivier van de andere dessa afgescheiden is. Het werd niet raadzaam geoordeeld zich in de laatstgetnelde te wagen, waar alles scheen gewapend te zijn en men door de troepen niet kon ondersteund worden. Dezen morgen liet onze verdachte persoon zich verontschuldigen, voorgevende dat hij zich gisteren aan zijn voet bezeerd had. Eindelijk gelukte het een ander Javaansch hoofd hem uit zijne dessa te lokken, door hem te verzekeren dat de heer Portier slechts eenige informatie van hem begeerde, en hem dadelijk weder zou laten gaan. Hij bekende naderhand dat hij daags te voren reeds aanstonds bespeurd had dat de jagtpartij slechts een voorwendsel was. Hij werd heden namiddag gebonden binnengebragt en in het fort geplaatst. Zijn makker is zoodanig ziek, dat men hem in een praauw heeft moeten transporteren. Ook deze is in het fort gebragt.

De man die eergisteren te Djokjokarta om het leven gekomen is, was wachtmeester der dragonders, en zulks ge-