is toegevoegd aan je favorieten.

Tijdschrift voor Neerland's Indië jrg 17, 1888 (2e deel) [volgno 7]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

427

naar aanleiding van de hem gegeven opdracht om geleidelijk alle gegevens te verzamelen welke kunnen strekken tot de kennis van het opiumverbruik en van de middelen om dat verbruik te keeren of althans te verminderen. De voorstellen daarbij gedaan worden in Indie overwogen. Inmiddels is een afschrift van het rapport bij het Departement van Koloniën ontvangen en door den ondergeteekende in handen gesteld van een deskundige, op wiens advies in deze aangelegenheid hij veel prijs stelt. Wanneer het stuk bij het Departement zal zijn terug ontvangen, zal de Kamer in de gelegenheid worden gesteld daarvan kennis te nemen.

Voor ingrijpende hervormingen ten aanzien van het opiumstelsel is veel overleg noodig, en in afwachting dat die behoorlijk zullen zijn voorbereid, kon de ondergeteekende niet anders doen dan de begrooting inrichten in overeenstemming met den bestaanden toestand. Inmiddels zijn reeds verscheidene wenken aan de Indische regeering gegeven, die de strekking hebben om de zaak in de goede richting, dat wil zeggen vermindering van het opiumgebruik, zoo noodig ook met opoffering van baten voor de schatkist, te leiden. Tot dat einde is o. a. ook het denkbeeld in overweging gegeven om tot het stelsel van éénjarige verpachtingen terug te keeren, zoolang het pachtstelsel zal worden behouden. De vraag, of dit stelsel op den duur behouden dan wel door eene regie vervangen moet worden, meent de ondergeteekende geheel ongepraejudiceerd te moeten laten.

De onderstelling, dat de pachters tot smokkelen zouden worden verleid door den te hoogen prijs, dien de Eegeering voor de opium zou vorderen, vindt geen steun in het rapport van den heer Te Mechelen, waarin betoogd wordt dat het niet de pachters zijn die den smokkelhandel drijven. Intusschen is de ondergeteekende, die geenszins zich met al de door den heer Te Mechelen ontwikkelde denkbeelden vereenigt, bereid ook dit punt in overweging te nemen.

Op grond van welke berekening een bedrag van f 400.000