is toegevoegd aan je favorieten.

Tijdschrift voor Neerland's Indië jrg 18, 1889 (1e deel), no 4

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

307

hoop uitspreken, dat ons woord bij u een open oor zal vinden, en dat door uw sterken arm en uw rechtvaardig bevel aan de vijanden en belagers van ons het zwijgen zal worden opgelegd en het gebod om ons niet langer te hinderen? Wij vertrouwen dat ook voor ons vreemdelingen, die niets liever verlangen dan trouwe burgers der Zuidafrikaansche republiek te zijn, dezelfde bescherming zal opgaan, die indertijd uw land en volk van het vreemde juk heeft bevrijd.

Wij smeeken om uwe bescherming tegen het kwaad dat men ons wil aandoen.

Wij zijn op goed geloof en in het vertrouwen op het heilig recht van tractaten hier gekomen, als eenvoudige handelaren. Wij meenen dat de conventie tusschen uwe regeering en Hare Majesteit ons een vasten waarborg geeft voor de rechts veiligheid van onze personen, de vrijheid van onzen handel en de bevoegdheid om grond en land te bezitten. In beide conventies toch, zoowel die van Pretoria als die van Londen, worden aan alle personen, die zich schikken naar de wetten der Zuidafrikaansche Republiek, vier belangrijke vrijheden verzekerd:

1°. Persoonlijke vrijheid van reizen in het land;

2°. het recht van zakelijk eigendom;

3°. het recht van handel;

4°. vrijdom van eenige differentieele of klassenbelasting.

Als Britsche onderdanen en ingezetenen van Hare Majesteit Victoria, koningin van Groot-Brittannie en keizerin van Indie, in het vertrouwen op de heiligheid dier tractaten, hebben wij ons vaderland en onze vaderstad Boinbay verlaten, onze gezinnen, onze vrouwen en kinderen, om door een eerlijken handel als vele andere onderdanen van het Britsche rijk ons fortuin te verbeteren. Er is tusschen ons en de kooplieden die van hier komen om geld te verdienen niets geen onderscheid. Of wel, indien er verschil is, dan gelooven wij dat dat in ons voordeel is. Wij willen dit later bewijzen.

De conventie, boven aangehaald, kent slechts ééne uitzon-