is toegevoegd aan uw favorieten.

Nieuwe bijdragen ter bevordering van het onderwijs en de opvoeding, voornamelijk met betrekking tot de lagere scholen in het Koningrijk der Nederlanden, voor den jare ..., 1873, 01-12-1873

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Schoolnieuws.

De belangstelling nam hierdoor toe. De Heer van Ewijk deelt mede, dat hij het door den Heer Slangen aangewezen middel te vergeefs heeft beproefd. De Heer Uürbanus vindt ernstig bezwaar tegen de afschaffing der prijsuitdeelingen en schoolfeesten ter wille van de schoolbibliotheken. Hij acht het behoud dier middelen tot bevordering van getrouw schoolbezoek alsnog zeer wenschelijk. De Heer Boldewijn betoogt almede het nut der bedoelde bibliotheken, vooral ten behoeve der leerlingen van de hoogste klasse. De Heer van Varik spreekt met aandrang den wensch uit, dat ieder onderwijzer in zijnen kring doe wat hij kan om de oprigting van eene schoolbibliotheek te bevorderen.

Deelende in den wensch, door den Heer van Varik uitgesproken, sluit de Voorzitter de discussie over dit onderwerp.

De bespreking van het tweede der genoemde onderwerpen, de verhouding der onderwijzers tot de gemeenteraden, werd ingeleid door den Heer Bergman, van Winkel, die, wijzende op de wenschelijkheid der verhooging van de onderwijzersjaarwedden, betoogt, dat het geraden is te achten met de gemeentebesturen op goeden voet te staan. Aan de discussie over dit onderwerp wordt verder deelgenomen door den Heer van Varik , die in tractements-verhooging niet een gunst ziet, maar een middel tot verbetering van het onderwijs; door den Heer v. d. Woüde, die vraagt naar de regten, welke de inleider onderstelt dat de onderwijzer heeft tegenover de gemeentebesturen. Nadat de Heer Bergman had gerepliceerd, werd de discussie op voorstel des Voorzitters gesloten met de aanneming van deze conclusie: 't is wenschelijk te achten , dat de onderwijzer door getrouwe pligtsbetrachting , door belangstelling in zijn