is toegevoegd aan uw favorieten.

Nieuwe bijdragen ter bevordering van het onderwijs en de opvoeding, voornamelijk met betrekking tot de lagere scholen in het Koningrijk der Nederlanden, voor den jare ..., 1834 [volgno 4]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Mengelwerk.

veel spoed werd doorgedreven» Ook bet goede moet langzaam rijp worden. Zeer natuurlijk moet het voorkomen, dat onderwijzers , die de strekking van deze veranderde schoolinrigting niet begrepen, dikwerf minder dan te voren aan de ouders der kinderen voldeden, en dat anderen, die aanvankelijk niet ongelukkig slaagden in de invoering, doch in den eenmaal opgewekten ijver ver'flaauwden, hunne scholen eerder voor verslimmerd dan verbeterd hielden.

Dit, wat het geschiedkundige gedeelte aanbelangt. Het berigt, waaruit de bovenstaande bijzonderheden zijn getrokken, is opgemaakt iu Februarij 1832, en is dus van latere dagteekening dan het reisberigt van harnisch , van wiens bezoek te Eckernförde, zoo wel als van dat van zerrenner, die dit insgelijks deed op last van het Pruissisch Gouvernement, en er zich gunstig over heeft verklaard, de Schrijver keDnis droeg.

Alvorens met het reisberigt van harnisch, voort te gaan , zullen wij hier laten volgen eenen staat van de uitbreiding van het wederkeerig onderwijs in Denemarken, zoo als zich dezelve bevond op den 31 December 1810, welke staat is getrokken uit hetrapport,, hetwelk de Ridder von abrahamson den Koning heeft aangeboden.

A. De eerste proef werd ge- i nomen in 1819, in . . 1 school.

B. Ten gevolge van deze proef werd de leerwijze ingevoerd: in 1820, in . . 11 scholen.

« 1821 » . . 15 » * 1322 35 »

G.