is toegevoegd aan uw favorieten.

Nieuwe bijdragen ter bevordering van het onderwijs en de opvoeding, voornamelijk met betrekking tot de lagere scholen in het Koningrijk der Nederlanden, voor den jare ..., 1834 [volgno 7]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Mengelwerk. 613

de vierde en vijfde eeuw onzer Christelijke jaartelling. "Volken, welke men te voren als barbaren verachtte, of zelfs in het geheel niet gekend had, braken, gelijk een aanwassende stroom, uit hunne noordsche wildernissen en overstroomden de beschaafde Provinciën van het Romeinsche rijk, eenen geest van ruwheid aldaar overplantende. Het gevoel hunner kracht maakte hunne aanvallen te verschrikkelijker, naar mate de tegenstand , dien zij ondervonden, te zwakker en te menigvuldiger was. Zoo wilde de Voorzienigheid — daar de beschaving der oude wereld , door losbandigheid en bedorvenheid van zeden, zoo misvormd was, dat noch de wijsbegeerte van socrates en plato , noch de staatkunde van marcus Aüreliüs en julianus , noch de strengheid van thraska en helvidius , in staat waren haar uit den vervallen' staat op te heffen , naardien zij al te zeer ontzenuwd, vervormd en verminkt was — zoo wilde Zij uit het verre Noorden eene zuivere, onvermengde levensbron doen ontstaan, waaruit eene nieuwe, oorspronkelijke vorming, tot verkwikking van geheel de wereld, zoude voortvloeijeh. Zelfs de vroegere beschaving van het Romeinsche rijk, en deszelfs toenemende uitbreiding, kan als een groot en veel omvattend vormingsmiddel voor alle natiën beschouwd worden ; want overal, waar de Romeinsche legioenen doordrongen, Was de Romeinsche geestbeschaving in hun gevolg, en verspreidde zij hare lichtstralen over alle gewesten der bekende wereld. Ook hier vinden wij dus de opvoedings- en vormingsmiddelen der

Voor-